Het signaal voor linksaf slaan is waarschijnlijk het meest bekende en eenvoudigste gebaar.
-
Hoe uit te voeren: Steek je linkerarm horizontaal en strak uit naar de linkerkant van je lichaam. Zorg ervoor dat je arm goed zichtbaar is voor achteropkomend en tegemoetkomend verkeer.
-
Wanneer te gebruiken: Geef het signaal ruim voordat je de afslag nadert. Dit geeft achterliggers de kans om in te schatten dat je vaart gaat minderen of gaat voorsorteren.
-
Aandachtspunt: Kijk altijd eerst over je schouder voordat je je arm uitsteekt en begint met afslaan.
2. Rechtsaf Slaan
Het aangeven van een afslag naar rechts vereist extra oplettendheid, vooral omdat je op de fiets of in de auto met verschillende invalshoeken te maken hebt.
-
Voor fietsers en open voertuigen: Steek je rechterarm horizontaal uit naar de rechterkant.
-
Voor automobilisten (indien de rechterarm niet goed zichtbaar is via het raam): In sommige situaties of historische verkeersregels wordt de linkerarm buiten het raam gestoken en in een hoek van 90 graden omhoog gebogen met de hand naar boven gericht.
-
Wanneer te gebruiken: Evenals bij linksaf slaan, geef je dit signaal tijdig aan voordat je de manoeuvre inzet.
3. Stoppen of Vaart Minderen
Het signaal om aan te geven dat je gaat stoppen is minstens zo belangrijk als het aangeven van een richting. Zonder werkende remlichten weten achterliggers anders niet dat je snelheid afneemt.
-
Hoe uit te voeren: Steek je linkerarm uit het raam (of op de fiets naar de zijkant) en buig je arm in een hoek van 90 graden naar beneden, waarbij je handpalm naar achteren is gericht. Een alternatief en veelgebruikt gebaar onder fietsers is het rustig op en neer bewegen van een uitgestoken arm met de handpalm naar beneden.
-
Wanneer te gebruiken: Zodra je weet dat je moet stoppen voor een voetgangersoversteekplaats, een stoplicht of een onverwacht obstakel.