Een klein maandelijks gebaar dat uw wasmachine en uw kleding spaart

Niet alleen het filter zelf, maar ook de ruimte waarin het filter zit, kan vuil bevatten. Gebruik een doek of spons om de opening schoon te maken. Met een zaklamp kunt u beter zien of er nog haren, pluisjes of kleine voorwerpen achterblijven.

Wees voorzichtig en duw niets dieper naar binnen. Verwijder alleen wat u goed kunt bereiken.

Stap 6: Plaats het filter terug

Wanneer het filter schoon en droog is, plaatst u het terug. Draai het stevig vast, maar forceer niet. Een filter dat scheef zit of niet goed vastgedraaid is, kan lekkage veroorzaken.

Sluit het klepje pas nadat u hebt gecontroleerd of alles goed op zijn plaats zit.

Stap 7: Draai een kort leeg programma

Na het reinigen kunt u een kort programma draaien zonder wasgoed. Zo spoelt de machine eventuele achtergebleven resten weg. Controleer daarna of er geen water lekt bij het filter.

Als alles droog blijft, is het filter goed teruggeplaatst.

Hoe vaak moet u het filter schoonmaken?

Voor de meeste huishoudens is één keer per maand een goede richtlijn. Dit voorkomt dat vuil zich ophoopt en helpt de machine goed te blijven werken.

In sommige situaties is vaker reinigen verstandig, bijvoorbeeld om de twee weken.

Doe dit vaker als:

u veel handdoeken wast,

u huisdieren heeft,

u vaak wollen kleding wast,

u veel sportkleding wast,

uw wasgoed vaak muf ruikt,

de machine traag leegloopt,

u vaak kleine kinderen in huis heeft,

er regelmatig zand of modder in kleding zit,

u vaak op lage temperaturen wast.

Als u merkt dat het filter telkens erg vuil is, kan dat een teken zijn dat het vaker onderhoud nodig heeft.

Signalen dat uw filter dringend gereinigd moet worden

Soms hoeft u niet te wachten tot de maand voorbij is. Uw machine geeft vaak duidelijke signalen dat het filter verstopt raakt.

Let op deze waarschuwingen:

De wasmachine pompt water langzaam af.

Er blijft water in de trommel staan.

De kleding is na het centrifugeren erg nat.

De machine ruikt muf of rioolachtig.

Er verschijnen vlekken op kleding.

De machine maakt ratelende geluiden.

Het programma duurt langer dan normaal.

Er komt water uit het filterklepje.

De was voelt niet fris aan.

Bij deze signalen is het verstandig het filter meteen te controleren.

De rol van wasmiddelresten

Wasmiddel is bedoeld om kleding schoon te maken, maar te veel wasmiddel kan juist problemen veroorzaken. Als er meer wasmiddel wordt gebruikt dan nodig is, blijft er schuim en zeep achter in de machine. Deze resten kunnen zich mengen met vuil, kalk en pluisjes.

Dat mengsel kan in het filter terechtkomen en daar een plakkerige laag vormen. Het kan ook achterblijven in de trommel, de rubberen rand en de wasmiddellade.

Gebruik daarom altijd de aanbevolen hoeveelheid wasmiddel. Houd rekening met:

de hardheid van het water,

de hoeveelheid wasgoed,

de vuilgraad van de kleding,

het type wasmiddel,

het gekozen programma.

Bij moderne wasmachines is vaak minder wasmiddel nodig dan mensen denken.

Waarom lage temperaturen soms problemen geven

Wassen op lage temperatuur is energiezuinig en vaak goed voor kleding. Toch kan het ook nadelen hebben als u altijd op 20 of 30 graden wast. Vet, zeepresten en bacteriën worden bij lage temperaturen minder goed verwijderd uit de machine.

Daarom is het verstandig om af en toe een warmer programma te draaien, bijvoorbeeld op 60 graden, als het textiel dat toelaat. Dit helpt om de machine frisser te houden.

Voor onderhoud kunt u ook een leeg programma draaien met een geschikt reinigingsmiddel voor wasmachines of met witte azijn, afhankelijk van de aanbevelingen van de fabrikant.

Let op: gebruik niet te veel azijn en combineer het nooit met bleekmiddel of agressieve producten.

De rubberen rand niet vergeten

Bij voorladers blijft er vaak vuil achter in de rubberen rand rond de deur. Hier verzamelen zich water, haren, pluisjes, zeepresten en soms kleine voorwerpen. Als u het filter schoonmaakt, is het verstandig om ook meteen de rubberen rand te controleren.

Trek de rand voorzichtig iets open en veeg hem schoon met een doek. Verwijder haren, munten, knoopjes of andere resten. Droog de rand daarna goed af.

Laat de deur na het wassen op een kier staan. Zo kan de binnenkant drogen en vermindert u de kans op muffe geuren.

Maak ook de wasmiddellade schoon

De wasmiddellade is een andere plek waar resten zich ophopen. Wasmiddel, wasverzachter en vocht kunnen samen een kleverige laag vormen. Dit kan schimmel en geur veroorzaken.

Haal de lade uit de machine als dat mogelijk is. Spoel hem af onder warm water en gebruik een tandenborstel voor hoekjes. Maak ook de ruimte waar de lade in schuift schoon met een doek.

Doe dit minstens één keer per maand, samen met het filter. Zo blijft de hele machine frisser.

Een grondige maandelijkse onderhoudsroutine

Een goede routine hoeft niet ingewikkeld te zijn. Eén keer per maand kunt u de volgende stappen uitvoeren:

Reinig het filter.

Controleer de rubberen rand.

Maak de wasmiddellade schoon.

Veeg de deur en het glas schoon.

Draai een leeg onderhoudsprogramma.

Laat de deur openstaan om te drogen.

Controleer de afvoerslang op knikken.

Veeg de buitenkant van de machine af.

Deze kleine routine helpt om problemen te voorkomen en zorgt dat uw wasmachine beter blijft presteren.

Een lege was draaien met azijn en baksoda

Veel mensen gebruiken witte azijn en baksoda voor een frisse wasmachine. Dit kan helpen tegen lichte geuren en aanslag, maar het moet correct worden gebruikt.

Een eenvoudige methode:

Zorg dat de trommel leeg is.

Doe een kleine hoeveelheid baksoda in de trommel.

Voeg witte azijn toe in het wasmiddelvak.

Draai een warm programma.