Gebruikt u metoprolol? Deze 10 bijwerkingen mag u niet negeren...

Een lagere hartslag is daarom niet automatisch gevaarlijk.

Het wordt wel belangrijk wanneer de hartslag veel te laag wordt of wanneer u daarbij klachten krijgt.

Let bijvoorbeeld op symptomen zoals:

  • ernstige duizeligheid;
  • zwakte;
  • flauwvallen;
  • kortademigheid;
  • ongebruikelijke vermoeidheid;
  • pijn of druk op de borst.

Wanneer dergelijke klachten optreden, moet u medisch advies inwinnen.

Als u thuis regelmatig uw hartslag meet, kan het bovendien nuttig zijn om veranderingen bij te houden en deze met uw arts te bespreken.

4. Lage bloeddruk

Omdat metoprolol de hartslag en de belasting van het hart kan verminderen, kan bij sommige mensen de bloeddruk te laag worden.


Een lage bloeddruk kan zich uiten in duizeligheid, zwakte of een licht gevoel in het hoofd.

Vooral wanneer u net met de behandeling bent begonnen of wanneer de dosering is aangepast, kan het verstandig zijn extra aandacht te besteden aan hoe u zich voelt.

Heeft u regelmatig klachten bij het opstaan? Of heeft u het gevoel dat u bijna flauwvalt?

Bespreek dit dan met uw zorgverlener.


Verander de dosis niet zelf. Een arts kan beoordelen of de klachten door metoprolol komen of dat er een andere oorzaak is.

5. Koude handen en voeten

Sommige mensen krijgen tijdens het gebruik van metoprolol sneller koude handen of voeten.

Bètablokkers kunnen invloed hebben op de bloeddoorstroming naar de ledematen. Daardoor kunnen vingers en tenen kouder aanvoelen dan normaal.


Bij veel mensen is dit vooral vervelend en niet ernstig.

Toch verdient het aandacht wanneer de klachten duidelijk veranderen.

Neem contact op met een arts wanneer u bijvoorbeeld last krijgt van:

  • aanhoudende pijn;
  • duidelijke verkleuring van vingers of tenen;
  • gevoelloosheid;
  • sterk toenemende koude;
  • andere tekenen van een slechte bloedsomloop.

Zeker wanneer de klachten nieuw zijn of snel erger worden, is het verstandig om ze te laten beoordelen.

6. Kortademigheid of piepende ademhaling

Metoprolol werkt voornamelijk op bèta-1-receptoren in het hart. Bij hogere doseringen kan het echter ook invloed hebben op andere bèta-receptoren.

Daarom kunnen sommige mensen met luchtwegproblemen gevoeliger reageren.


Heeft u astma of een andere aandoening van de luchtwegen, let dan goed op nieuwe of toenemende ademhalingsklachten.

Neem medisch advies in wanneer u last krijgt van:

  • nieuwe piepende ademhaling;
  • toenemende kortademigheid;
  • een beklemmend gevoel op de borst;
  • moeite met ademhalen.

Ernstige ademhalingsproblemen vereisen onmiddellijke medische hulp.


Wacht bij ernstige benauwdheid niet af om te kijken of het vanzelf overgaat.

7. Slaapproblemen of ongebruikelijke dromen

Niet iedereen ervaart het, maar sommige mensen melden veranderingen in hun slaappatroon tijdens het gebruik van metoprolol.

Dit kan zich bijvoorbeeld uiten in: