DEEL 11 — DE SCHEIDING
Ik diende binnen een week verzoek tot echtscheiding in.
Daniël vond dat ‘onnodig overhaast’.
Zijn advocaat schreef:
Partijen bevinden zich in een uitzonderlijke emotionele situatie waarin mediation mogelijk ruimte kan bieden.
Mijn advocaat vroeg:
‘Wil je?’
‘Voor vermogensafwikkeling.’
‘Voor huwelijk?’
‘Nee.’
Dat was helder.
Geen relatietherapie.
Geen tweede kans.
Niet omdat vreemdgaan automatisch onvergeeflijk was.
Mensen herstellen soms daarvan.
Maar Daniël had:
mijn handtekening vervalst;
mijn bedrijf proberen te benadelen;
mijn paspoort meegenomen;
mijn erfstukken gestolen;
een middel in mijn thee gedaan;
en daarna een foto gestuurd om mij te vernederen.
Ik hoefde niet nog zes therapiesessies te betalen om te ontdekken dat vertrouwen dood was.
Onze villa had overwaarde.
Gezamenlijk eigendom.
Daniël had recht op zijn aandeel, ondanks alles.
Dat irriteerde sommige vrienden.
‘Na wat hij deed krijgt hij nog geld?’
Ja.
Eigendom is geen morele prijs.
Wel werden aantoonbare onttrekkingen, juridische afspraken en schadeposten meegenomen waar dat juridisch mogelijk was.
Wij verkochten villa.
Niet aan hem.
Niet aan mij.
Open markt.
Ik kocht een appartement aan de Maas in Rotterdam.
Minder groot.
Geen kluis in slaapkamer.
Veel ramen.
De eerste nacht sliep ik drie uur.
Tweede vier.
Na twee maanden normaal.
Thee duurde langer.
Ik dronk bijna een jaar alleen koffie.