Deel 8: Wat liefde niet rechtvaardigt
Michael kwam niet terug om te vragen of we van gedachten waren veranderd. Hij had inmiddels tijdelijk een appartement gehuurd en woonde niet meer bij Cassandra. Hun huwelijk was nauwelijks begonnen en stond al op losse schroeven. Hij vertelde ons dat hij afstand nodig had om te begrijpen waarom hij de afgelopen maanden zo vaak tegen zijn eigen geweten was ingegaan.
‘Je kunt iemand liefhebben en toch vertrekken,’ zei Ellen.
Hij keek haar aan. ‘Is dat wat je met mij doet?’
‘Ik heb je niet verlaten. Ik heb een grens getrokken.’
Hij knikte. Ik zag dat hij die twee dingen eindelijk begon te onderscheiden.
De financiële kwestie werd ingewikkelder, maar niet mysterieuzer. Victor's project had minder vrij beschikbaar kapitaal dan in de presentaties was gesuggereerd. Dat bleek uit documenten die in het civiele geschil werden uitgewisseld. Of iemand bewust verkeerde informatie had gegeven, was nog onderwerp van onderzoek. Nora waarschuwde ons opnieuw niet vooruit te lopen op conclusies.
Voor ons was de praktische vraag eenvoudiger: de cheque bleef onbetaald, de vermeende bevestiging was afkomstig van Michael en er was geen door ons getekende afspraak met het bedrijf. Victor's advocaat liet uiteindelijk weten dat het bedrijf geen rechtstreekse aanspraak meer op ons zou maken. De zakelijke problemen van Michael verdwenen daarmee niet.
Op een avond zat Ellen aan de eettafel met het kleine cadeaudoosje dat Daniel had laten terugvinden. Het was beschadigd; het horloge van mijn vader had een gebarsten glas. Daniel had het na inventarisatie aan ons teruggegeven.
‘Hij wilde dit vroeger zo graag hebben,’ zei Ellen.
‘Het was van mijn vader. Ik dacht dat Michael er zorgvuldig mee zou omgaan.’
‘Misschien kunnen we het laten herstellen.’
Ik keek naar de kras op het deksel. ‘En dan?’
‘Dan bewaren we het totdat het weer iets kan betekenen. Of we houden het zelf.’
De volgende dag bracht ik het naar een horlogemaker. Hij zei dat het mechaniek nog werkte en dat het glas vervangen kon worden. Ik dacht aan hoe gemakkelijk het was een voorwerp te repareren vergeleken met een verhouding.
Ellen begon weer kleine dingen te doen die niets met de zaak te maken hadden. Ze ging met Paul en zijn vrouw lunchen, maakte haar favoriete soep en reed voor het eerst alleen naar de bibliotheek. Ik probeerde niet ieder uitstapje als een overwinning te vieren. Ze wilde haar gewone leven terug, niet voortdurend worden bekeken als iemand die iets had overleefd.
Toen de rechercheur ons vertelde dat het onderzoek was afgerond en de zaak ter beoordeling zou worden voorgelegd, vroeg Ellen hoe lang het kon duren. Hij gaf geen belofte. Zij bedankte hem voor de uitleg en vroeg om op de hoogte te worden gehouden.
Cassandra probeerde ondertussen opnieuw contact te leggen. Ze stuurde Ellen een handgeschreven brief. Daarin stond dat de bruiloft een ramp was geweest, dat ze onder enorme druk had gestaan en dat ze spijt had van de chaos. Ze schreef niet dat ze het cadeaudoosje had weggeslagen. Ze schreef niet wat ze tegen Ellen had gezegd terwijl die op de grond lag.
Ellen antwoordde met drie zinnen: Ik heb je brief ontvangen. Een moeilijke dag verklaart niet hoe je mij behandelde. Ik ben niet bereid tot een persoonlijk gesprek zolang je dat niet erkent.
Ik vroeg of ze zich sterker voelde. Ze zei: ‘Nee. Ik voel me eerlijker.’
Bij een volgend overleg vertelde Michaels advocaat dat Victor bereid was over de persoonlijke garantstelling te onderhandelen. De andere betrokken partijen wilden eerst de werkelijke financiële positie van het project zien. Michael zou zijn eigen spaargeld moeten inzetten en mogelijk een betalingsregeling aangaan. Er was geen redding door een onverwachte erfenis of een geheime investeerder.
‘Dit wordt een lang proces,’ zei Michael.
‘Ja,’ zei ik. ‘Volwassen worden is soms duur.’
Hij glimlachte niet. ‘Ik had jullie nooit in die positie mogen brengen.’
‘Dat klopt.’
Hij bleef een ogenblik staan. ‘Pap, ik heb me altijd voorgesteld dat jij me zou beschermen tegen alles wat misging.’
‘Ik bescherm je niet tegen de waarheid,’ zei ik. ‘Daarmee zou ik je opnieuw laten vallen.’
De avond voor het eerste formele gesprek over zijn verantwoordelijkheid voor de duw vroeg Michael of Ellen erbij wilde zijn. Ze dacht lang na en zei toen dat ze zou komen, niet om hem te redden, maar om te zien of hij ook tegenover anderen de waarheid zou spreken.
Op de ochtend van het gesprek zag ik hoe ze haar zilverkleurige jurk uit de kast haalde. Ze streek met haar vingers over de stof, vouwde hem zorgvuldig op en legde hem in een doos.
‘Ik trek iets anders aan,’ zei ze. ‘Die dag krijgt niet het laatste woord.’