"Ja," ging hij enthousiast verder, blijkbaar blind voor mijn veranderende gezichtsuitdrukking. "We verkopen het huis voor de hoofdprijs. De woningmarkt staat gekkenwerk toe op dit moment. Vervolgens nemen we dat geld, voegen het bij het spaargeld dat je hebt geërfd, en delen het. We zetten het op een gezamenlijke rekening. Daarna trouwen we, kopen we samen een prachtig nieuw nieuwbouwhuis op onze beide namen en beginnen we samen met een schone lei. Een frisse start voor ons tweeën. Is dat niet geweldig?"
Het bleef even angstaanjagend stil in de kamer. Het enige wat te horen was, was het getik van de klok aan de muur. Ik voelde de bloedtoevoer naar mijn gezicht wegtrekken. Het ging hem niet om mijn verdriet. Het ging hem niet om mijn herstel. Het ging hem om een halvering van een vermogen waar hij nooit één seconde voor had gewerkt.
hij wilde dat ik de herinnering aan mijn vader te gelde maakte, het bedrag met hem deelde, en hem juridisch mede-eigenaar maakte via een huwelijk in gemeenschap van goederen.
"Je wil dat ik het ouderlijk huis verkoop en het geld met jou deel?" vroeg ik met een ijzige, rustige stem.
Daan lachte geforceerd en zwaaide met zijn hand. "Niet met 'mij' als vreemde, lieverd! Met mij als jouw toekomstige echtgenoot! We bouwen toch samen aan een leven? Je kunt toch niet verwachten dat we getrouwd zijn en dat jij een enorme zak geld op een privérekening hebt staan terwijl ik niets heb? Dat zou geen echt partnerschap zijn. We moeten alles samen delen."
Ik trok langzaam mijn hand onder de zijne vandaan. "Nee, Daan. Dat ga ik niet doen. Het huis blijft van mij. Het is het huis waar ik ben opgegroeid. En het spaargeld van mijn vader blijft op mijn naam staan. Als wij gaan trouwen, doen we dat op huwelijkse voorwaarden. Mijn erfenis blijft privé."
De verandering op zijn gezicht was even fascinerend als schokkend. De warme, liefdevolle blik verdween als sneeuw voor de zon. Zijn kaakspieren spanden zich aan en zijn ogen werden smal en koud.
"Ben je serieus?" snaaide hij. "Dus je vertrouwt mij niet? Na vier jaar relatie zie je mij nog steeds als een bedreiging voor jouw geld?"
"Het heeft niets te me vertrouwen te maken," antwoordde ik standvastig. "Dit is het levenswerk van mijn vader. Het is mijn veiligheid. Liefde bouwen we samen op met wat wij samen verdienen, niet met wat mijn overleden vader heeft nagelaten."
Toen liet Daan zijn ware aard zien. Hij sprong overeind van de bank, wees met een beschuldigende vinger naar me en noemde me meteen egoïstisch, koud en berekenend. "Je bent een egoïst!" riep hij uit. "Je denkt alleen maar aan jezelf en aan je dode vader! Je gunt ons geen gelukkig leven samen! Je verkiest steen en geld boven de man die van je houdt!"