-
Het Type Houtmot:
-
Gebruik uitsluitend fijn rookmot (zaagsel van 0,5 tot 2 mm) van onbehandeld hardhout, zoals beukenhout, eiken, fruitbomen (appel/kers) of esdoorn.
-
Vermijd altijd naaldhoutsoorten (grenen, spar), omdat de harsen hierin bittere, giftige dampen afgeven.
-
-
Aansteken Zonder Vlam:
-
Vul de spiraal losjes met het rookmot en steek het beginpunt aan met een theelichtje of een kleine gasbrander.
-
Zodra het mot zachtjes begint te gloeien, blaas je de vlam uit en verwijder je het theelichtje.
-
Het mot smeult langzaam als een wierookspiraal door het labyrint en produceert 8 tot 12 uur lang een koele, gelijkmatige rook zonder warmte af te geven aan de kast.
-
-
Ventilatie Is Noodzakelijk:
-
Een rookkast moet altijd een kleine luchtinlaat aan de onderkant en een uitlaat aan de bovenkant hebben.
-
Stilstaande, vochtige rook slaat neer als creosoot (roetachtig en zuur); een continue, zachte trek van verse lucht zorgt voor een zuivere, goudgele rookopname.
-
5. Hoe Vaak Moet Je Roken? (De Rooksessies)
Voor spek is één enkele rooksessie meestal niet voldoende om een diepe smaak en conservering te bereiken:
-
De Cyclus Van Roken En Rusten:
-
Sessie 1: Rook het spek gedurende 8 tot 10 uur.
-
Rustfase: Laat het spek vervolgens 12 tot 24 uur rusten in de koelkast of in een koele, tochtige ruimte zónder rook. Tijdens deze rustfase trekken de fenolen uit de rook gelijkmatig van de buitenkant naar de kern van het spek.
-
Sessie 2 (En Optioneel Sessie 3): Herhaal het rookproces nog 1 of 2 keer totdat het spek een diepe mahonie- of goudbruine kleur heeft gekregen.
-