Benzine is hier het goedkoopst van Nederland: 35,7 cent onder de adviesprijs

Pal naast de Makro-vestiging, dicht tegen de ring A10 aan, ligt het onbemande tankstation van dezelfde keten.

Dat het juist nu zo druk is op die locaties, heeft alles te maken met de oorlog die in het Midden-Oosten woedt. Sinds de Verenigde Staten en Israël eind februari militaire actie ondernamen tegen Iran en Iran vervolgens de scheepvaart door de Straat van Hormuz grotendeels blokkeerde, staat de wereldwijde olievoorziening onder druk.

Door die zeestraat loopt normaal gesproken rond een vijfde van alle olie en vloeibaar aardgas ter wereld. De verstoring werkte vrijwel direct door in de prijzen aan de Nederlandse pompen.

Artikel gaat verder onder de afbeelding.

Voorspelling van de Rabobank

Rabobank voorspelt in het basispad dat de gemiddelde literprijs dit jaar rond de 2,25 euro zal schommelen, met een piek boven de 2,35 euro in de lentemaanden.

In het zwaarste scenario van de bank, namelijk bij langdurige vernietiging van energie-infrastructuur in Qatar en Saudi-Arabië, kan de prijs aan de pomp richting de drie euro per liter klimmen. De olieprijs bewoog de afgelopen weken rond de honderd dollar per vat, bijna een verdubbeling ten opzichte van het niveau van vorige zomer.

Bovenop die geopolitieke schok komt nog de accijns. Per 1 januari liep de accijns op benzine met ongeveer 5,6 cent per liter omhoog en die op diesel met 3,6 cent, doordat een deel van de tijdelijke korting uit 2022 is teruggedraaid.

De volledige korting is door het kabinet wel verlengd tot 1 januari 2027, waardoor een veel grotere stijging is voorkomen. Aanvankelijk dreigde namelijk een accijnsverhoging van ruim 25 cent per liter.

De roep om verdere verlichting klinkt inmiddels hard. Italië kondigde recent een tijdelijke accijnskorting van 25 cent per liter aan, voor een periode van twintig dagen. Oostenrijk en Zweden verlaagden hun brandstofbelasting ook.

De politiek is aan zet

In de Tweede Kamer spreken D66 en CDA zich voorzichtig positief uit over een prijsplafond op brandstof, een voorstel dat Jesse Klaver van GroenLinks-PvdA eerder op tafel legde. Het kabinet-Jetten houdt vooralsnog de boot af en verwijst naar de algemene staatsfinanciën en Europese regels rondom klimaatbeleid.

Onderzoek van TNO op basis van CBS-data laat zien dat de stijgende brandstofprijzen vooral een beperkte groep huishoudens hard raken.

Dat zijn vooral mensen in buitengebieden zonder goed openbaar vervoer, zzp’ers zonder vergoeding en gezinnen die afhankelijk zijn van een oudere auto met een hoog verbruik.