We denken vaak pas aan onze tanden wanneer er iets misgaat. Een gevoelig tandje, bloedend tandvlees, een onaangename smaak in de mond of een gaatje kan ons er plotseling aan herinneren hoeveel invloed dagelijkse gewoonten op onze mondgezondheid hebben.
Wat je eet en drinkt, speelt daarbij een belangrijke rol. Sommige voedingsmiddelen en dranken lijken op het eerste gezicht onschuldig, maar kunnen bij regelmatig gebruik invloed hebben op het tandglazuur, de hoeveelheid bacteriën in de mond en het risico op gaatjes.
Dat betekent niet dat je bepaalde voedingsmiddelen nooit meer mag eten. Het gaat vooral om hoe vaak, hoeveel en hoe lang je tanden ermee in contact komen.
Een voedingsmiddel dat af en toe wordt gegeten, hoeft voor een gezond gebit geen groot probleem te zijn. Wanneer je echter de hele dag door kleine hoeveelheden suiker of zure producten gebruikt, kan de situatie heel anders worden.
Wat gebeurt er eigenlijk in je mond wanneer je eet?
Je mond bevat van nature veel bacteriën. Dat is normaal en betekent niet dat je mond “vies” is.
Wanneer je eet, krijgen ook bepaalde bacteriën in je mond voedingsstoffen. Vooral suikers kunnen door mondbacteriën worden omgezet in zuren.
Die zuren kunnen tijdelijk de zuurgraad in je mond verlagen.
Wanneer dit vaak gebeurt, krijgt het tandglazuur steeds opnieuw te maken met een zure omgeving.
Speeksel helpt vervolgens om de mond weer te neutraliseren en levert mineralen die bijdragen aan het natuurlijke herstel van het tandoppervlak.
Daarom is speeksel een belangrijk onderdeel van de natuurlijke bescherming van je tanden.
Tandglazuur is sterk, maar niet onverwoestbaar
Tandglazuur is een van de hardste stoffen in het menselijk lichaam.
Toch kan het onder bepaalde omstandigheden slijten of worden aangetast.
Een belangrijke oorzaak is herhaalde blootstelling aan zuren. Die zuren kunnen afkomstig zijn van bacteriën die suikers verwerken, maar ook rechtstreeks uit zure voedingsmiddelen en dranken.
Frisdrank, energiedrank, vruchtensap, zure snoepjes en sommige andere producten kunnen bijvoorbeeld behoorlijk zuur zijn.
Het probleem zit niet alleen in het product zelf.
De frequentie van blootstelling is minstens zo belangrijk.
Suiker is niet het enige probleem
Wanneer mensen aan tandbederf denken, denken ze vaak alleen aan suiker.
Suiker speelt inderdaad een belangrijke rol, maar zuur is eveneens relevant.
Een voedingsmiddel kan weinig suiker bevatten en toch behoorlijk zuur zijn.
Denk bijvoorbeeld aan bepaalde fruitsoorten, vruchtensappen, frisdranken en producten met veel citroenzuur.