EEN VREEMDE VROEG ME OP ZIJN SCHOUDER TE SLAPEN TIJDENS DE VLUCHT

DEEL 13 — NEW YORK

Een jaar later mocht Blaire na uitgebreid overleg en een nieuwe ouderschapsregeling met Fiona naar New York verhuizen.

Niet omdat David fraude had gepleegd en daarom automatisch rechten verloor.

Hij behield ouderschap.

Maar omstandigheden veranderden.

Vance Urban werd gereorganiseerd.

David werkte minder operationeel en reisde veel.

Blaire kreeg een vaste functie bij een grote compliancefirma in Manhattan.

Familieondersteuning in New York.

Betere financiële zelfstandigheid.

Partijen sloten uiteindelijk regeling:

Fiona woonde hoofdzakelijk bij Blaire.

David had langere blokken tijdens schoolvakanties, regelmatige weekenden wanneer logistiek mogelijk was en wekelijkse video-contacten.

Reiskosten verdeeld naar inkomen.

Geen perfecte oplossing.

Maar beter dan permanente strijd.

Blaire verhuisde naar appartement in Astoria.

Twee slaapkamers.

Geen penthouse.

Geen Luca.

Hij bood nooit aan haar huur te betalen.

Goed.

Hun relatie was inmiddels iets anders.

Koffie.

Berichten.

Een diner.

Een kus na elf maanden.

Geen paparazzi.

Toen wel paparazzi en zij stopte drie weken.

‘Ik kan dit niet,’ zei Blaire.

Luca:

‘Wat niet?’

‘Mijn dochter op websites.’

‘Begrijp ik.’

‘Dus?’

‘Dan zien we elkaar privé en ik bespreek met mijn team hoe we haar zo veel mogelijk uit beeld houden. Als dat niet genoeg is, stop jij.’

Geen:

ik bescherm je.

Geen:

je moet wennen.

‘Dat is alles?’

‘Wat wil je dat ik zeg?’

‘Geen idee.’

‘Mooi. Dan zeg ik niets.’

Ze lachte.

Dat was moment waarop ze verliefd werd.

Niet door miljarden.

Door ruimte.

DEEL 14 — DAVID KWAM NAAR NEW YORK

Twee jaar na vlucht stond David in New York.

Niet om Blaire terug te krijgen.

Voor Fiona’s schoolvoorstelling.

Hij had vooraf gemeld.

Regels gevolgd.

Na voorstelling kwamen ze buiten.

Luca stond verderop.

Niet naast Blaire.

Hij was later gekomen omdat Fiona hem persoonlijk had uitgenodigd.

David zag hem.

Eerste keer dat ze elkaar ontmoetten.

Hij liep naar Luca.

Blaire voelde lijf aanspannen.

David stak hand uit.

‘David Vance.’

Luca schudde.

‘Luca Sterling.’

‘Dat weet ik.’

Stilte.

David:

‘Ik heb lang gedacht dat jij mijn bedrijf hebt laten vallen vanwege Blaire.’

Luca:

‘Dat heb ik niet.’

‘Ik weet.’

‘Goed.’

‘Ik vond het makkelijker jou de schuld te geven.’

Luca keek Blaire.

Daarna David.

‘Dat herken ik.’

Meer niet.

Geen machtswedstrijd.

Geen:

ik kan je kopen.

Geen alfa-man-onzin.

David draaide naar Blaire.

‘Fiona wil ijs.’

‘Natuurlijk.’

‘Mag ze?’

Blaire keek kind.

‘Ja.’

David:

‘Ik breng haar om acht uur.’

‘Halfacht. Morgen school.’

‘Halfacht.’

Hij vertrok met dochter.

Luca keek hem na.

‘Dat was minder dramatisch dan tabloids zouden willen.’

Blaire:

‘Gelukkig.’

‘Vind je hem nog aantrekkelijk?’

Ze gaf hem een por.

‘Idioot.’

‘Ik vroeg alleen.’

‘Jaloers?’

‘Mens.’

Dat was beter dan miljardair.