Vrijwel niemand verwachtte het en toch is het gebeurd: de inflatie in juni is gedaald. Dat betekent dat onze dagelijkse boodschappen (inclusief brandstof en energie) minder sterk in prijs stegen dan de maand ervoor. En dat is goed nieuws, want nu hoeft de rente later dit jaar niet extra omhoog.
De Nederlandse inflatie kwam in juni uit op 2,9 procent, blijkt uit de eerste snelle raming van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De inflatie is daarmee flink afgenomen vergeleken met de 3,5 procent in mei.
Het grootste voordeel zat in de prijzen voor motorbrandstoffen en energie. Die stegen in mei nog met 9,7 procent, maar dat was in juni afgenomen tot 6 procent. Dat had alles te maken met de naderende oplossing voor het conflict in het Midden-Oosten.
Ook afkoeling in Duitsland en Frankrijk
Dinsdag werd al bekend dat de Duitse inflatie in juni is afgekoeld tot het laagste niveau sinds het begin van de oorlog in het Midden-Oosten. Ook in Frankrijk koelde de inflatie in juni sterker af dan verwacht. Europabreed daalde de inflatie in de eurozone van 3,2 naar 2,8 procent, vooral door de lagere olieprijzen en goedkopere energie.
Volgens analisten van ING maken lagere olieprijzen het voor bedrijven moeilijker om hogere kosten door te rekenen aan consumenten. Inmiddels lijken de ergste inflatiescenario’s minder waarschijnlijk dan waarvoor eerder werd gevreesd.
Hoopvolle signalen
De komende maanden kan de inflatie weliswaar opnieuw licht oplopen door hogere minimumlonen die zijn doorgevoerd, en door stijgende prijzen voor transport als een vertraagde doorwerking van de hogere olieprijzen.
Maar alles opgeteld lijkt de stijging mee te vallen. Dat betekent dat de Europese Centrale Bank (ECB) later dit jaar de rente waarschijnlijk minder hoeft te verhogen om de inflatie te beteugelen.
En dat is onder meer goed nieuws voor huizenkopers, die de hypotheekrente minder zullen zien stijgen. Al blijft, zo waarschuwt iedereen, de onzekerheid over de situatie in het Midden-Oosten een risicofactor.