De benoeming van Elanor Boekholt-O’Sullivan als minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening moest vooral een nieuw hoofdstuk markeren. De voormalige luitenant-generaal van de Koninklijke Luchtmacht werd door D66 naar voren geschoven vanwege haar lange carrière binnen Defensie, haar leidinggevende ervaring en haar reputatie als bestuurder. Sinds 23 februari 2026 maakt zij deel uit van het kabinet-Jetten.
Maar juist haar verleden bij Defensie wordt opnieuw onderwerp van politieke discussie.
Volgens de aangeleverde berichtgeving draait het om een jarenlange kwestie rond voormalig Defensie-medewerker en klokkenluider Victor van Wulfen. Daarbij worden ernstige beschuldigingen genoemd over de behandeling van de klokkenluider, medische dossiers, integriteitskwesties en mogelijke financiële misstanden op Vliegbasis Eindhoven.
Niet al deze beweringen zijn onafhankelijk bevestigd. Dat maakt het verhaal juist politiek gevoelig: welke gebeurtenissen zijn officieel vastgesteld, welke zaken zijn nog onderwerp van onderzoek en welke beschuldigingen moeten nog worden bewezen?
Van luchtmachtcommandant naar minister
Boekholt-O’Sullivan heeft een uitzonderlijk lange loopbaan bij Defensie achter de rug. Ze werkte onder meer als officier, squadronleider, strategisch adviseur en hoofd van het Innovatiecentrum AIR. Van juni 2016 tot juni 2018 was ze commandant van Vliegbasis Eindhoven. Daarna vervulde ze verschillende hoge functies binnen Defensie. Uiteindelijk werd ze luitenant-generaal en plaatsvervangend directeur-generaal Beleid.
In februari 2026 maakte ze de overstap naar de landelijke politiek.
D66 presenteerde haar als iemand met ruime ervaring in leiderschap, organisatieontwikkeling en maatschappelijke vraagstukken. De partij benadrukte onder meer haar militaire loopbaan en haar ervaring met grote organisaties.
Toch ligt er nu een oude kwestie uit precies die militaire periode opnieuw onder een vergrootglas.
De zaak-Van Wulfen
Centraal staat Victor van Wulfen, een voormalig militaire vlieger die volgens de aangeleverde berichtgeving vanaf 2007 herhaaldelijk zorgen uitte over de vliegveiligheid.
Zijn belangrijkste punt zou zijn geweest dat bepaalde voorschriften volgens hem onvoldoende werden nageleefd of niet goed waren vastgelegd. Van Wulfen stelde dat hij daarmee risico’s wilde voorkomen en lessen wilde trekken uit eerdere ernstige incidenten.