Zoals bij ieder geneesmiddel of vaccin kunnen er echter bijwerkingen optreden. De meeste zijn mild en tijdelijk, zoals pijn op de injectieplaats, vermoeidheid, hoofdpijn, spierpijn of koorts. Tegelijkertijd is dankzij grootschalige monitoring duidelijk geworden dat er ook zeer zeldzame bijwerkingen kunnen voorkomen.
Een van de bijwerkingen die uitgebreid is onderzocht, is myocarditis, oftewel een ontsteking van de hartspier.
Wat is myocarditis precies?
Myocarditis ontstaat wanneer de hartspier ontstoken raakt. Omdat de hartspier verantwoordelijk is voor het krachtig rondpompen van bloed door het lichaam, kan een ontsteking invloed hebben op de werking van het hart.
De ernst kan sterk verschillen. Sommige mensen hebben slechts milde klachten, terwijl anderen medische observatie of behandeling nodig hebben.
Myocarditis kan verschillende oorzaken hebben. Virale infecties zijn bijvoorbeeld een bekende oorzaak. Ook andere ontstekingsprocessen kunnen een rol spelen.
Bij COVID-19-vaccins is myocarditis vooral in verband gebracht met bepaalde mRNA-vaccins. Het risico is daarbij zeer laag, maar het is wel belangrijk dat artsen en patiënten de mogelijke symptomen herkennen.
Bij wie komt het vaker voor?
Uit onderzoek en veiligheidsmonitoring is gebleken dat myocarditis na mRNA-vaccinatie relatief vaker wordt gezien bij adolescente en jongvolwassen mannen dan bij andere groepen.
De gevallen ontstaan vaak binnen enkele dagen na een vaccinatie, met name na een tweede dosis in de oorspronkelijke vaccinatieschema’s. Het precieze risico verschilt echter afhankelijk van onder meer leeftijd, geslacht, vaccin, dosis en het aantal eerdere vaccinaties.
Daarom kan één algemeen cijfer niet voor iedereen worden gebruikt.
Onderzoekers blijven deze gegevens analyseren om beter te begrijpen waarom sommige mensen gevoeliger lijken te zijn dan anderen.