‘Nu moeten we alleen nog weten welke gegevens ze zo graag terug willen.’
Sanne keek naar haar.
‘Ik heb niets meer.’
Floor wachtte.
Sanne keek naar mij.
‘Dacht ik.’
Ze liep naar de hal.
Uit haar oude handtas haalde ze haar fietssleutels.
Aan de ring zat een klein rood kunststof staafje.
Ik had het honderd keer gezien.
‘USB-stick,’ zei ze.
Floor stak haar hand uit.
‘Niet openen.’
‘Waarom niet?’
‘Omdat we eerst een forensische kopie laten maken. Als dit bewijs wordt, wil ik geen discussie over manipulatie.’
Drie dagen later kregen we een eerste analyse.
Er stonden geen elf miljoen aan verdachte transacties op.
Er stond bijna achtentwintig miljoen op.
Verspreid over zes jaar.
Via drie vennootschappen.
En één van die vennootschappen stond niet op naam van Bram.
Ze stond op naam van Vivienne.
Maar dat was nog niet het ergste.
Tussen de documenten zat een PDF met als titel:
Familievermogen – opvolgingsstructuur 2024.
Sanne zat naast Floor toen het bestand werd geopend.
Op pagina vier stond Noors naam.
Mijn kleindochter.
Zes jaar oud.
Achter haar naam stond een stichting.
Een administratiekantoor.
En een percentage.
31%.
‘Wat betekent dat?’ vroeg ik.
Floor las zwijgend door.
‘Het lijkt erop dat Noor economisch gerechtigd is tot een aanzienlijk deel van aandelen in De Winter Vastgoed.’
Sanne schudde haar hoofd.
‘Nee. Dat kan niet.’
‘Waarom niet?’
‘Omdat Bram mij altijd heeft verteld dat Noor niets zou erven zolang Vivienne leefde.’
Floor scrolde verder.
Toen stopte ze.
‘Hier staat een notariële akte uit 2020.’
‘Van wie?’
‘Willem de Winter.’
Bram zijn vader.
Overleden in 2021.
Sanne legde haar hand over haar mond.
Floor keek naar haar.
‘Heeft u deze akte ooit gezien?’
‘Nee.’
‘Dan wil ik de notaris spreken die hem heeft gepasseerd.’
De notaris heette Pieter van Dongen en had een kantoor in Utrecht.
Hij was achtenzestig, bijna met pensioen, en keek merkbaar ongemakkelijk toen Floor uitlegde waarom we kwamen.
‘Ik kan niet zomaar dossiers bespreken,’ zei hij.
‘Dat begrijpen we,’ zei Floor. ‘Maar mevrouw De Winter heeft mogelijk een rechtstreeks belang.’
‘Hoe bedoelt u?’
Floor legde een kopie van de PDF op tafel.
Pieter keek ernaar.
Zijn gezicht zakte.
Niet veel.
Een millimeter of twee.
Maar advocaten en moeders leven van millimeters.
Hij stond op.
‘Een moment.’
Hij verdween.
Tien minuten later kwam hij terug met een rood dossier.
Mijn handen begonnen te trillen toen hij het op tafel legde.
Niet van angst.
Van herkenning.
Kees had precies zulke mappen gebruikt voor onze hypotheekpapieren.
Pieter ging zitten.
‘Ik kan bevestigen dat Willem de Winter in november 2020 een herstructurering heeft laten vastleggen.’
Sanne keek hem strak aan.
‘Waarom wist ik daar niets van?’
‘Omdat u geen partij bij de akte was.’
‘Mijn dochter wel.’
‘Uw dochter was begunstigde.’
‘Ze was toen drie.’
‘Dat klopt.’
Pieter trok een document naar voren.
‘De heer De Winter had zorgen over de continuïteit van het bedrijf. En over bepaalde beslissingen binnen de familie.’
‘Welke beslissingen?’
‘Daar kan ik alleen over spreken als ik juridisch vaststel dat uw dochter belanghebbende is.’
Floor schoof haar legitimatie en volmacht naar voren.
Pieter las.
Toen trok hij een tweede document uit het dossier.
‘Willem heeft kort voor zijn overlijden ook een persoonlijke verklaring bij mij in bewaring gegeven.’
Sanne werd stil.
‘Voor Bram?’
‘Nee.’
‘Voor Vivienne?’
Pieter keek haar aan.
‘Voor u.’
Hij schoof een envelop over tafel.
Vooraan stond met blauwe vulpen:
Voor Sanne, wanneer zij zelf begint te zoeken.
Mijn dochter raakte de envelop niet aan.
‘Hij wist het.’
‘Wat?’
‘Dat ik ooit iets zou vinden.’
Pieter knikte langzaam.
‘Dat lijkt mij een redelijke interpretatie.’
Sanne opende de envelop.
Er zaten drie getypte pagina’s in en één handgeschreven vel.
Ze las de eerste zin hardop.
‘Sanne, als je dit leest, heeft Vivienne waarschijnlijk geprobeerd je te overtuigen dat cijfers minder belangrijk zijn dan familie.’
Niemand zei iets.
Ze las verder.
Willem beschreef dat hij in 2019 onregelmatigheden had ontdekt in vastgoedtransacties die onder verantwoordelijkheid van Vivienne waren uitgevoerd.
Niet alleen belastingconstructies.
Niet alleen agressieve fiscale planning.
Er waren panden verkocht aan bevriende vennootschappen onder de marktprijs, vervolgens doorverkocht en winsten buiten De Winter Vastgoed gehouden.
Willem had zijn vrouw geconfronteerd.
Vivienne had gezegd dat ze het deed ‘om de familie te beschermen’.
Willem geloofde haar niet.
Maar hij was ziek.
Zijn hart ging achteruit.
Hij wilde geen publiek schandaal veroorzaken dat het bedrijf en honderden werknemers zou meesleuren.
Dus deed hij iets anders.
Hij veranderde de zeggenschapsstructuur.
Na zijn dood zou Vivienne tijdelijk bestuursmacht houden, maar een aanzienlijk economisch belang werd ondergebracht voor Noor.
Niet omdat Noor zijn favoriete kleinkind was.
Maar omdat Willem één persoon buiten de directe machtsstrijd wilde zetten.
Een kind.
‘En Bram?’ vroeg Sanne.
Pieter keek naar de volgende pagina.
‘Uw man wist van een deel van de structuur.’
‘Hoeveel?’