Zonder grote veranderingen kan in de toekomst simpelweg geen water meer uit de kraan komen. Dat klinkt on-Nederlands, maar waterbedrijven, onderzoekers en overheden waarschuwen al langer: vraag, klimaat en regels botsen, en het systeem kraakt.
Dreigende krapte aan de kraan
Drinkwaterbedrijven zien de vraag sneller stijgen dan ze nieuwe bronnen, leidingen en zuiveringen kunnen aanleggen. In piekmomenten, zoals hittegolven, lopen netten tegen hun grenzen aan en zakt de waterdruk lokaal voelbaar weg.
Daarbovenop moeten in de komende jaren honderdduizenden woningen worden aangesloten en groeit de industriële dorst, van datacenters tot batterij- en waterstofplannen. Zonder versnelling en besparing lopen we vast in de basis: betrouwbaar water op elk adres.
Waarom de vraag zo hard groeit
De bevolking neemt toe en huishoudens gebruiken gemiddeld nog altijd zo’n 120 tot 130 liter water per persoon per dag. Dat lijkt weinig, maar opgeteld over miljoenen mensen en warme zomers wordt elke liter voelbaar.
Ook bedrijven vragen meer, onder meer door groeiende productie, strengere hygiënestandaarden en de opmars van koeling voor digitale infrastructuur. Zelfs als de totale efficiëntie verbetert, drukken nieuwe toepassingen de totale vraag omhoog en verhogen ze de pieken.
