Vier mannen zitten in de wachtkamer van het ziekenhuis omdat hun vrouwen een baby krijgen. Een verpleegster gaat naar de eerste man toe en zegt: “Gefeliciteerd! U bent de vader van een tweeling.” “Dat is vreemd,” antwoordt de man. “Ik werk voor …

De tweede man sprong op van zijn stoel, keek naar het logo op zijn borst en riep stomverbaasd: “Dit is niet te geloven! Ik werk al tien jaar voor 3M! Die drie moet in mijn DNA zitten!”

Terwijl de felicitaties over en weer vlogen, werd de derde man — een strak in het pak zittende zakenman — naar voren geroepen door de hoofdarts. De arts krabde zich achter het oor en zei: “Meneer, bereid u maar goed voor… uw vrouw heeft zojuist het levenslicht geschonken aan een prachtige vierling!” De zakenman viel bijna achterover van verbazing, maar sloeg toen zijn handen in elkaar: “Ongelooflijk! Ik ben de algemeen directeur van de hotelketen Four Seasons! Dit kan geen toeval meer zijn!”

Pure paniek bij de vierde man

Terwijl de eerste drie vaders feestvierden en druk aan het bellen waren met hun familie, stortte de wereld van de vierde man op het laatste stoeltje compleet in. De man, die er toch al vermoeid uitzag, begon lijkbleek te zien. Het zweet brak hem aan alle kanten uit en hij begon wild om zich heen te kijken alsof hij wilde vluchten.

Hij greep zijn haren vast, begon wild op zijn stoel te trillen en produceerde een angstaanjagend, zacht gejammer. De verpleegsters en de andere vaders keken verbaasd naar hem om. “Wat is er met jou aan de hand, vriend?” vroeg de vader van de vierling bezorgd. “Je moet toch blij zijn dat je baby er bijna is?”

De vierde man keek de wachtkamer in met pure doodsangst in zijn ogen, slikte een keer diep en riep met een trillende stem uit:

“Blij?! Ik ben doodsbang! Ik werk in godsnaam voor WD-40!!!”