DEEL 5 — De Afspraak Die Peter Dacht Te Beheersen
De volgende dag reden ze naar Amersfoort.
Niet omdat Rosa iets zou tekenen.
Omdat Tobias vond dat het belangrijk was dat de afspraak bij notaris Van Soest niet stilletjes verdween. Peter moest niet de kans krijgen later te beweren dat Rosa "plotseling niet kwam opdagen" omdat Fleur haar verborgen hield.
Rosa wilde zelf gaan.
"Ik wil in die kamer zitten," zei ze. "Ik wil horen hoe ze praten als ik niet meer beneden slaap."
Fleur vroeg haar drie keer of ze het zeker wist.
De derde keer zei Rosa:
"Kind, ik heb drie jaar naast een wasmachine geslapen. Een vergadertafel maakt mij niet dood."
Dus gingen ze.
Rosa droeg haar blauwe jurk.
Niet omdat Jolanda het had gezegd.
Omdat Rosa zei dat de jurk van haar was en Peter niet het recht kreeg die kleur te verpesten.
Mieke kwam ook, Rosa's jongere zus. Ze was de avond ervoor naar Maastricht gereden nadat Fleur haar had gebeld. Mieke had Rosa jaren nauwelijks gezien omdat Jolanda telkens zei dat haar moeder "te moe", "in de war" of "niet aanspreekbaar" was. Toen ze Rosa zag, was ze op de stoep in huilen uitgebarsten.
"Ik had harder moeten komen," had Mieke gezegd.
Rosa had alleen geantwoord:
"Je bent er nu. Dat is het enige stuk van tijd waar we nog iets mee kunnen."
Bij notariskantoor Van Soest stonden Jolanda en Peter al binnen.
Peter's gezicht veranderde nauwelijks toen Rosa binnenkwam met Fleur, Noor, Tobias en Mieke.
Maar zijn hand om zijn aktetas werd wit.
Jolanda daarentegen schrok zichtbaar. Misschien had ze verwacht dat haar moeder er nog steeds uitzag als de vrouw uit de kelder: krom, vaal, klein. Maar Rosa droeg de blauwe jurk, had haar haar gekamd en liep, hoe langzaam ook, op eigen voeten.
"Mam," zei Jolanda. "Gelukkig. Kom bij mij zitten."
Rosa bleef naast Fleur staan.
"Ik zit zelf."
De notaris, meneer Van Soest, kwam de kamer binnen. Hij was ouder dan Fleur verwachtte, kaarsrecht, met zilvergrijs haar en een gezicht dat bureaucratie als verdedigingskunst beheerste.
Hij liep niet naar Peter.
Niet naar Jolanda.
Hij liep naar Rosa.
"Mevrouw Visser. Fijn dat ik u persoonlijk spreek."
Rosa knikte.
"Ik vind het minder fijn. Maar nodig."
Van Soest keek even naar haar, en in zijn ogen verscheen iets dat op respect leek.
"Dat is vaak het begin van goed advies."
Ze gingen zitten.
Peter opende meteen zijn map.
"Wij kunnen dit kort houden. Rosa is geschrokken door de gebeurtenissen van gisteren en wordt beïnvloed door Fleur. Het oorspronkelijke plan was slechts een praktische volmacht, zodat Jolanda en ik haar belangen professioneel kunnen behartigen."
Tobias leunde achterover.
"Professioneel? Zoals haar AOW professioneel incasseren?"
Jolanda trok bleek weg.
Peter wierp haar een waarschuwende blik toe.
Van Soest hief zijn hand.
"Mijnheer Meerwijk, ik wil eerst van mevrouw Visser horen wat zij begrijpt van de afspraak."
Rosa keek naar de tafel.
"Peter wilde dat ik tekende zodat hij mijn grond kon verkopen."
"Dat is een grove verdraaiing," zei Peter onmiddellijk.
Van Soest keek hem aan.
"Ik had u niet gevraagd."
Peter zweeg.
Niet uit gehoorzaamheid.
Uit berekening.
Van Soest vroeg:
"Mevrouw Visser, wilt u die volmacht tekenen?"
"Nee."
"Begrijpt u dat u eigenaar bent van het perceel?"
"Nu wel."
"Begrijpt u dat het mogelijk zeer veel waard is?"
"Ja."
"Wat wilt u ermee doen?"
Rosa dacht na.
"Vandaag niets."
Van Soest glimlachte kort.
"Uitstekend antwoord."
Peter schoof een document naar voren.
"Met alle respect, maar mevrouw Visser overziet de complexiteit niet. Er liggen biedingen, termijnen, fiscale gevolgen. Een gemiste deadline kan miljoenen kosten."
Tobias pakte het document zonder het aan Rosa te geven.
"Is dit de conceptvolmacht?"
Peter trok het terug.
"Dit is vertrouwelijk."
"Voor wie?"
"Voor de familie."
Rosa keek naar hem.
"Ben ik familie?"
Peter bevroor.
Jolanda maakte een geluid.
Rosa herhaalde:
"Ben ik familie als het over mijn handtekening gaat? Of alleen als ik de afwas moet doen?"
Jolanda begon te huilen.
"Mam, hoe kun je zoiets zeggen?"
Rosa keek haar dochter lang aan.
"Ik heb het drie jaar niet gezegd. Dat was erger."
Tobias legde vervolgens de bankafschriften op tafel. Niet allemaal. Genoeg.
Huishoudbijdrage moeder.
Leningen.
Betalingen.
Peter Meerwijk Holding.
Daarna de medische verklaring.
Daarna het proces-verbaal van aangifte.
Daarna de video die Fleur had opgenomen in de kelder, waarop Jolanda te horen was:
"Je moet er morgen vroeg uit. De overhemden van je schoonzoon liggen nog ongestreken."
Van Soest keek naar het scherm zonder zijn gezicht te bewegen.
Maar toen Peter in de video de kelderdeur op slot draaide, legde de notaris langzaam zijn pen neer.
Dat was erger dan een uitbarsting.
Peter zei:
"Dat was uit context."
Noor boog naar voren.
"Welke context maakt een afgesloten kelder voor een reumatische vrouw acceptabel?"
Peter keek haar aan alsof hij haar naam alvast noteerde voor wraak.
"U bent geen partij."
"Nee," zei Noor. "Ik ben getuige van uw slechte improvisatie."
Jolanda keek naar de video en leek ineens niet naar haar moeder te kijken, maar naar zichzelf. Niet lang genoeg om boete te doen. Wel lang genoeg om te zien dat haar versie van "zorg" op beeld niet meer paste in haar mond.
Van Soest stond op.
"Ik zal geen enkele volmacht passeren. Geen verkoop. Geen stichting. Geen overdracht. Niet vandaag, en niet zonder onafhankelijk advies aan mevrouw Visser, medische waarborg en volledige financiële reconstructie."
Peter's stem werd laag.
"U begrijpt niet hoeveel schade u veroorzaakt."
Van Soest keek hem rustig aan.
"Ik begrijp vooral dat u mij zojuist een kwetsbare vrouw wilde laten tekenen voor iets dat zij niet wilde tekenen."
"Dat is laster."
"Nee," zei Rosa.
Iedereen keek naar haar.
Zij rechtte haar rug.
"Dat is eindelijk Nederlands dat ik begrijp."