DEEL 7 — De Ontwikkelaar Met De Glazen Glimlach
Rijnpoort Logistics meldde zich drie dagen later.
Niet bij Rosa.
Bij Peter.
Dat bleek uit een e-mail die per ongeluk naar het oude adres van notaris Van Soest was gestuurd en daarna, op diens advies, werd doorgestuurd naar Tobias.
Geachte heer Meerwijk,
Wij vernemen graag of de volmachtkwestie inmiddels is afgerond. Gezien de overeengekomen exclusiviteitsperiode verwachten wij uiterlijk 3 januari duidelijkheid. Verdere vertraging kan leiden tot aansprakelijkstelling op basis van gemaakte voorbereidingskosten.
Ondertekend:
Sebastiaan Renkema, directeur acquisitie.
Tobias las de mail drie keer.
"Overeengekomen exclusiviteitsperiode," zei hij. "Interessant."
Fleur vroeg:
"Kan dat Rosa raken?"
"Niet als zij niets heeft getekend. Wel als Peter namens haar heeft gedaan alsof hij bevoegd was. Dan kan het vooral Peter raken."
Noor glimlachte.
"Mooi woord, aansprakelijkheid. Klinkt beter wanneer het de goede kant op valt."
Rosa luisterde stil.
"Willen ze mijn grond?"
"Ja," zei Tobias. "Waarschijnlijk zeer graag."
"Zijn ze ook dieven?"
"Dat weten we nog niet. Sommige ontwikkelaars zien alleen een man in een duur pak die zegt bevoegd te zijn. Andere ontwikkelaars kijken expres niet te goed omdat grond haast heeft."
"Dan wil ik ze zien," zei Rosa.
Fleur keek op.
"Oma?"
"Ik wil weten wie er op mijn grond wachtte terwijl ik in de kelder zat."
Tobias dacht na.
"Dat kan. Maar onder onze voorwaarden. Bij ons. Met verslag. Geen onderhandeling."
Rosa knikte.
"Ik wil ook de grond zien."
Daar had niemand rekening mee gehouden.
Het perceel.
Het echte.
Niet alleen papieren.
Twee dagen later reden ze naar Veenendaal.
Het terrein lag aan de rand van een bedrijventerrein, achter een oud hek met roestige ketting. Een deel was begroeid met gras en bramenstruiken. Er stonden twee vervallen loodsen, een betonnen pad, een oude weegbrug en enkele populieren die in de winterwind kraakten.
Het was niet mooi.
Niet op de manier waarop de villa mooi was.
Maar Rosa stapte uit en bleef staan alsof ze een oude bekende zag.
"Hier rook het vroeger naar diesel," zei ze.
Fleur keek naar het terrein.
"U bent hier geweest?"
"Als meisje. Mijn vader had hier een kantoor met groene kozijnen. Ik mocht op zaterdag bonnetjes sorteren. Hij gaf mij een stuiver per stapel."
Ze glimlachte.
"Jolanda vond het vies. Ze bleef liever bij moeder thuis."
Mieke knikte.
"Jij had altijd zwarte handen."
"En geld voor drop."
Rosa liep langzaam naar het hek.
Fleur ondersteunde haar deze keer wel. Niet omdat Rosa zwak was, maar omdat het terrein ongelijk was. Dat verschil leerden ze steeds beter kennen: helpen zonder overnemen.
Rosa raakte de roestige ketting aan.
"Mijn vader zei dat grond niet wegloopt. Maar mensen wel."
Tobias maakte foto's.
Noor controleerde de kadastrale kaart.
Fleur keek naar haar oma en zag voor het eerst niet alleen slachtoffer. Ze zag een vrouw met geschiedenis. Met grond onder haar naam. Met herinneringen die niemand in de kelder had kunnen opsluiten.
Toen kwam er een zwarte Mercedes het terrein op gereden.
Sebastiaan Renkema stapte uit.
Midden veertig, dure jas, gladde glimlach, schoenen die duidelijk niet gemaakt waren voor modder.
"Mevrouw Visser?" zei hij.
Tobias stapte naar voren.
"Meester Van Leeuwen. U heeft geen afspraak op locatie."
Renkema glimlachte.
"Ik hoorde dat de eigenaresse kwam kijken. Ik wilde mijn respect betuigen."
Noor fluisterde tegen Fleur:
"Vertaling: hij wil controleren hoeveel ze begrijpt."
Rosa hoorde het.
Ze rechtte haar rug.
"U wilde mijn grond kopen?"
Renkema draaide onmiddellijk naar haar toe.
"Wij hadden een constructief traject met uw schoonzoon, ja. Uiteraard allemaal in uw belang."
"Mijn schoonzoon liet mij in een kelder slapen."
De glimlach haperde.
"Daar weet ik niets van."
"Dat vroeg ik niet."
Fleur beet op haar binnenwang om niet te reageren.
Rosa ging verder:
"Heeft u mij ooit gebeld?"
"Wij vertrouwden op uw vertegenwoordiging."
"Welke vertegenwoordiging?"
"De heer Meerwijk gaf aan dat hij namens de familie sprak."
"Ik ben geen familie van zijn bv."
Renkema keek even naar Tobias.
Hij besefte dat dit geen charmant oude-vrouwgesprek werd.
"Mevrouw Visser, de waarde van dit perceel hangt af van snelheid, bestemming en schaal. Als u zich laat leiden door emotie, kan dat grote financiële gevolgen hebben."
Rosa keek naar hem alsof hij een vies glas was.
"Mijn emoties hebben drie jaar in een kelder gelegen. Die mogen nu even buiten lopen."
Noor kuchte.
Tobias bleef professioneel, maar zijn mondhoek trilde.
Renkema veranderde van tactiek.
"Ik bedoel alleen dat u deskundige begeleiding nodig heeft."
"Die heb ik."
"Rijnpoort kan u een marktconform bod doen."
"U had er al één."
"Dat was een concept."
"Voor iemand die niet mocht tekenen."
Hij zweeg.
Rosa keek naar het terrein.
"Ik verkoop vandaag niets."
"Dan loopt u risico dat wij onze belangstelling heroverwegen."
Rosa draaide zich langzaam naar hem.
"Meneer Renkema, ik sliep vorige week op een veldbed naast een wasmachine. U moet met een betere dreiging komen dan dat u misschien mijn grond niet koopt."
Fleur voelde pure bewondering door zich heen gaan.
Niet luid.
Niet triomfantelijk.
Maar diep.
Rosa Visser, vierenzeventig jaar, reuma, blauwe plekken nog niet verdwenen, stond op modderige grond en liet een ontwikkelaar met een miljoenenbod voelen dat zij niet meer voor restjes tekende.
Renkema vertrok vijf minuten later.
Veel minder glad dan hij kwam.
Die avond at Rosa twee kommen soep.
"Dreigen maakt hongerig," zei ze.
Fleur lachte.
Voor het eerst sinds Kerstavond lachten ze samen.