Wanneer een oudere persoon geleidelijk verandert, kunnen familieleden zich afvragen of deze veranderingen gewoon bij het ouder worden horen of dat ze wijzen op een ernstiger gezondheidsprobleem.
Sommige veranderingen komen inderdaad vaker voor wanneer iemand kwetsbaarder wordt en richting het einde van het leven gaat. Toch is het belangrijk om voorzichtig te zijn met conclusies. Geen enkel afzonderlijk symptoom kan betrouwbaar voorspellen hoeveel tijd iemand nog heeft.
Verminderde eetlust, meer slapen, minder bewegen of veranderingen in gedrag kunnen bijvoorbeeld ook veroorzaakt worden door een infectie, uitdroging, bijwerkingen van medicijnen, depressieve klachten of andere aandoeningen die medische aandacht nodig hebben.
Hieronder bespreken we vijf veranderingen die bij sommige mensen in de laatste levensfase kunnen voorkomen, maar ook om andere redenen kunnen ontstaan.
1. Minder interesse in eten en drinken
Een van de opvallendste veranderingen kan een duidelijke afname van eetlust zijn.
Iemand die vroeger met plezier at, kan plotseling kleinere porties nemen, maaltijden overslaan of nauwelijks nog interesse tonen in favoriete gerechten.
In een vergevorderde levensfase kan het lichaam minder behoefte hebben aan voedsel en drinken. Het metabolisme verandert en het lichaam kan minder energie nodig hebben.
Maar een plotselinge vermindering van eetlust betekent niet automatisch dat iemand aan het einde van het leven is.
Ook tandproblemen, misselijkheid, pijn, obstipatie, infecties, medicatie of problemen met slikken kunnen ervoor zorgen dat iemand minder eet.
Daarom is het verstandig om een plotselinge verandering altijd serieus te nemen en, wanneer deze aanhoudt, met een arts of verpleegkundige te bespreken.
Wat kun je doen?
Dwing iemand niet om grote maaltijden te eten.
Kleinere porties kunnen gemakkelijker zijn. Zachte voedingsmiddelen, favoriete smaken en kleine hoeveelheden drinken kunnen soms prettiger zijn.
Wanneer slikken moeilijk wordt, moet professionele begeleiding worden gevraagd om verslikken te voorkomen.
2. Veel meer slapen of minder wakker zijn
Een tweede verandering kan zijn dat iemand aanzienlijk meer slaapt.
Een oudere persoon kan overdag meerdere keren in slaap vallen, langer slapen dan vroeger of minder lang gesprekken kunnen voeren.
In de laatste levensfase kan het lichaam steeds minder energie hebben. Daardoor kunnen langere perioden van slaap en rust ontstaan.