-
Echte Ingrediënten In Plaats Van Fabrieksvoeding: Maaltijden werden gemaakt van verse groenten, aardappelen, vlees, vis, eieren en volwaardige granen. Er waren nauwelijks kant-en-klaarmaaltijden, instantnoedels of diepvriespizza's verkrijgbaar.
-
Geen High-Fructose Corn Syrup (HFCS): In de late jaren zeventig en vroege jaren tachtig deed glucose-fructosestroop zijn massale intrede in de voedingsindustrie. Deze goedkope, geconcentreerde suikervorm wordt door het lichaam anders verwerkt dan gewone suiker; het stimuleert het hongergevoel en wordt in de lever direct omgezet in vetweefsel. In de vroege jaren zeventig zat dit simpelweg nog niet in alledaagse producten.
-
Minder Verborgen Suikers: Suiker werd gezien als een traktatie (een koekje bij de koffie of een toetje op zondag) en zat niet verstopt in alledaagse producten zoals brood, dressings, sauzen en hartige vleeswaren.
2. Portiegroottes: Toen Normaal, Nu Miniformaat
Een andere enorme transformatie heeft plaatsgevonden in de perceptie van wat een 'normale portie' is.
-
Kleinere Borden En Schalen: In de jaren zeventig waren eetborden aanzienlijk kleiner dan de royale dinerborden die we vandaag de dag gebruiken. Een bord vol eten bevatte toen honderden calorieën minder dan dezelfde visuele portie nu.
-
Frisdrank En Fastfood: Een standaard flesje frisdrank in de jaren zeventig had een inhoud van ongeveer 200 milliliter. Vandaag de dag is een halve liter de standaard 'onderweg'-maat, en in fastfoodketens zijn bekers van 750 milliliter of een liter geen uitzondering.
-
Eén Keer Opscheppen: De eetcultuur dicteerde dat men één bord at. Tweede porties of 'all-you-can-eat'-concepten waren zeldzaam en sociaal ongebruikelijk.
3. Vaste Eetmomenten Zonder Constant 'Grazen' En Tussendoortjes
Tegenwoordig leven we in een maatschappij waarin voedsel overal en op elk moment van de dag beschikbaar is. Op stations, in winkelstraten, bij benzinestations en op kantoor liggen snacks binnen handbereik.