De echtgenoot eiste dat zijn vrouw er afstand van deed.

‘Wat ben je van plan?’

‘Mijn dochter redden.’

Op dat moment klonk er een zacht geluid uit het doorzichtige wiegje. Het meisje bewoog haar handje en opende haar ogen.

Elena keek naar haar en fluisterde:

‘Mama is bij je.’

Toen klonk op de gang het geluid van een deur die openging.

Een man in uniform kwam binnen.

Maxim draaide zich langzaam om.

En voor het eerst die avond verscheen er echte angst op zijn gezicht.

Hoofdstuk 2. De man in uniform

De man in uniform bleek een politieagent te zijn. Achter hem liep een jonge vrouw in een witte jas. Elena herkende haar meteen: het was de psycholoog van de afdeling, die ze die ochtend, nog vóór de bevalling, had gezien.

‘Mij is verteld dat hier een conflict is ontstaan,’ zei de politieagent. ‘Wie heeft mij gebeld?’

Maxim stapte onmiddellijk naar voren.

‘Niemand. Dit is een misverstand. Mijn vrouw voelt zich na de bevalling niet goed.’

‘Ik heb hem gebeld,’ antwoordde de hoofdverpleegkundige kalm.

Maxim draaide zich scherp naar haar om.

‘Dat recht had u niet!’

‘Dat had ik wel,’ zei de arts. ‘De patiënte heeft melding gemaakt van druk en bedreigingen in verband met haar kind.’

De politieagent haalde een notitieblok tevoorschijn.

‘Goed. Geen geschreeuw. Ik wil iedereen afzonderlijk horen.’

Maxim probeerde als eerste te spreken. Hij klonk zelfverzekerd en bijna overtuigend.

‘Ik heb haar niet bedreigd. Ik heb alleen gezegd dat ik niet van plan ben het meisje op te voeden. We zitten in een moeilijke gezinssituatie.’

Elena luisterde zwijgend.

‘Hebt u van uw vrouw geëist dat ze afstand doet van het kind?’ vroeg de agent.

‘Ik heb haar voorgesteld na te denken over de toekomst van ons gezin.’

‘Dat is geen antwoord.’

Maxim klemde zijn kaken op elkaar.

‘Ja. Ik heb gezegd dat ik van haar zou scheiden als ze het kind niet zou afstaan.’

Elena sloot haar ogen.

De pijn kwam opnieuw naar boven, maar deze keer voelde het anders. Het was niet langer de machteloze pijn die haar aan het huilen maakte. Het was verraad, een gevoel dat bijna lichamelijk pijn deed.

De psycholoog ging naast haar zitten.

‘Elena, wilt u dat uw man bij u blijft?’

‘Nee.’

‘Bent u bang voor hem?’

Elena keek naar Maxim.

Hij stond roerloos, maar zijn blik was hard geworden.

‘Op dit moment wel.’

Dat was genoeg.

De politieagent vroeg Maxim om afstand te nemen en niet dichter bij het wiegje te komen.

‘We zullen de omstandigheden onderzoeken. Voorlopig heeft deze vrouw rust nodig.’

‘U weet niet met wie u te maken hebt,’ siste Maxim. ‘Mijn familie zal dit niet zomaar laten zitten.’

Voor het eerst antwoordde Elena hem rechtstreeks:

‘Nu begin ik het te begrijpen.’

Maxim fronste.

‘Wat precies?’

‘Waarom je zo bang was dat ik zelfstandig zou worden.’

Hij zei niets.

En toen herinnerde Elena zich alles wat ze lange tijd had geprobeerd niet op te merken.

Hoe Maxim haar bankpas controleerde.

Hoe hij ooit haar cv had verscheurd en had gezegd dat ze helemaal niet hoefde te werken.

Hoe zijn moeder haar had geadviseerd haar man niet tegen te spreken als ze haar huwelijk wilde behouden.

Vroeger leken al die gebeurtenissen op zichzelf staande ruzies.

Nu vormden ze samen één angstaanjagend beeld.

Maar enkele minuten later gebeurde er iets onverwachts.

Maxims telefoon, die op de vensterbank lag, begon te rinkelen.

Hij keek naar het scherm en werd bleek.

Elena zag de naam.

**Viktoria.**

Het was de vrouw die hij altijd zijn boekhoudster had genoemd.

Maxim drukte het gesprek snel weg.

Maar de telefoon ging onmiddellijk opnieuw over.

Deze keer zag ook de politieagent het scherm.

‘Neem op,’ zei hij.

Maxim zweeg.

Elena voelde een koude rilling over haar rug lopen.

Ze wist nog niet wie Viktoria werkelijk was.

Maar binnen enkele minuten zou ze een zin horen die haar beeld van de laatste maanden van haar huwelijk voorgoed zou veranderen.

—

## Hoofdstuk 3. Het telefoontje dat het geheim onthulde

Maxim staarde naar het scherm van zijn telefoon alsof hij zojuist een bericht over het einde van de wereld had ontvangen.

‘Neem op,’ herhaalde de politieagent.

‘Het gaat om een zakelijke kwestie.’

‘Waarom bent u dan bang om op te nemen?’