Ik las de regel.
De volmacht gaf Sanne bevoegdheid om namens mij ‘beschikkingshandelingen betreffende registergoederen en zakelijke belangen voortvloeiend uit de nalatenschap van Willem de Bruin’ te verrichten.
Breed geformuleerd.
Veel breder dan mij was verteld.
‘Dit is geen simpele administratieve volmacht,’ zei Claire.
Sanne leunde naar voren.
‘Het is standaardtekst.’
‘Nee,’ zei Van der Meer.
Iedereen keek naar hem.
Hij schoof zijn bril omhoog.
‘Niet voor wat u mij telefonisch hebt omschreven.’
Pieter werd bleek.
‘Wat bedoelt u?’
Van der Meer opende een tweede map.
‘Ik heb gisteravond aanvullende stukken ontvangen van mevrouw De Bruin.’
‘Welke stukken?’ vroeg ik.
De notaris keek naar Sanne.
‘Een voorgenomen overdracht van aandelen in De Bruin Bouwgroep.’
Mijn adem bleef steken.
Niet alleen mijn huis.
Mijn helft van het bedrijf.
Sanne keek mij nu recht aan.
‘Dat was tijdelijk.’
Claire lachte niet.
‘Aandelen overdragen is zelden tijdelijk.’
‘Het bedrijf gaat kapot,’ zei Sanne.
Daar was het eindelijk.
Geen beleefdheid meer.
Geen “we bedoelen het goed”.
‘Wat?’
‘Het bedrijf gaat kapot,’ herhaalde ze. ‘Omdat jij weigert te doen wat nodig is.’
‘Welke noodzaak?’
Pieter keek naar de tafel.
Sanne niet.
‘Er staat bijna vierhonderdduizend euro open.’
‘Waar?’
‘Leningen.’
‘Welke leningen?’
Nu zei niemand iets.
Claire keek van Sanne naar Pieter.
‘Zakelijke leningen?’
Geen antwoord.
‘Persoonlijke leningen?’
Pieters kaak bewoog.
Ik wist genoeg.
‘Jullie hebben schulden.’
Sanne sloeg haar armen over elkaar.
‘We hadden investeringen.’
‘Jullie hebben schulden.’
‘We zouden het terugbetalen.’
‘Met mijn huis?’
Mijn moeder kwam ertussen.
‘Maarten, je hoeft haar niet zo aan te vallen.’
Ik draaide mijn hoofd naar haar.
‘Je hebt gisteren mijn zwangere vrouw geen eten gegeven.’
‘Doe niet belachelijk.’
Ik pakte mijn telefoon.
‘Wil je het nog een keer horen?’
Mijn moeder bevroor.
Sanne keek naar Pieter.
Ik drukte op afspelen.
Haar eigen stem vulde de kamer.
“Laat haar maar van de restjes leven.”
Niemand bewoog.
Daarna:
“Morgen bij de notaris houden we het simpel. Maarten hoeft niet te weten dat de verkoop al voorbereid is.”
Ik zette de opname stil.
De notaris nam langzaam zijn bril af.
Mijn moeder zei:
‘Dat klinkt uit zijn verband gerukt.’
Claire keek haar aan.
‘Een opname van vierentwintig minuten is behoorlijk veel verband.’
Pieter stond op.
‘Ik ga.’
‘Nee,’ zei ik.
Hij bleef staan.
Ik schoof een document naar hem toe.
Niet de volmacht.
Een ander document.
‘Wat is dit?’ vroeg Sanne.
‘De reden waarom ik wél gekomen ben om te tekenen.’
Ik pakte de pen.
Mijn zus keek naar Claire.
Toen naar de notaris.
Toen weer naar mij.
‘Maarten.’
Ik zette mijn handtekening.
Eén keer.
Rustig.
Geen speech.
Geen dreigement.
Alleen mijn naam.
Maarten de Bruin.
Claire draaide het document zodat zij het konden lezen.
Het was een overeenkomst tot overdracht van mijn aandelen in De Bruin Bouwgroep.
Maar niet aan Sanne.
Aan een nieuwe holding die volledig onder mijn zeggenschap stond.
De constructie was legaal voorbereid op basis van een reeds bestaande aandeelhoudersregeling met voorkeursrechten die mijn vader jaren geleden had laten opstellen.
Omdat Sanne haar eigen aandelen als zekerheid had verpand voor persoonlijke schulden zonder de vereiste melding aan de vennootschap, was een clausule geactiveerd.
Dat was het tweede nieuws dat Claire die ochtend had gevonden.
En twist twee.
Sanne was niet alleen van plan geweest mijn aandelen af te pakken.
Ze had haar eigen helft al op het spel gezet.
‘Dat kan niet,’ zei ze.
Claire legde een kopie van de aandeelhoudersovereenkomst neer.
‘Artikel veertien.’
Sanne las.
Ik zag het moment waarop ze het begreep.
Haar lippen gingen iets van elkaar.
Mijn moeder pakte het document.
‘Wat betekent dit?’
‘Dat Sanne haar verpanding had moeten melden,’ zei Claire. ‘Dat heeft ze niet gedaan. De vennootschap kan daardoor een contractueel voorkeursrecht uitoefenen.’
‘Dus?’ vroeg mijn moeder.
‘Dus haar aandelen kunnen onder de afgesproken waarderingsmethodiek worden aangeboden aan Maartens holding, onder toezicht van een onafhankelijke deskundige.’
Sanne stond op.
‘Ik ga nergens mee akkoord.’
‘Dat hoeft vandaag ook niet,’ zei Claire. ‘Maar de procedure begint vandaag.’
‘Dit is wraak.’
Ik keek haar aan.
‘Nee.’
Mijn stem was laag.
‘Wraak was geweest als ik gisteren de keuken was binnengelopen en je tegen de muur had gezet.’
Niemand sprak.
‘Dit is administratie.’
Van der Meer kuchte.
Heel even dacht ik dat hij zijn lach inhield.