Als we proberen om drie van deze getallen op te tellen om tot precies 20 te komen, ontdekken we snel dat er meerdere combinaties mogelijk lijken, maar dat veel mensen door de war raken door de combinatie van even en oneven getallen.
Laten we eens testen of een traditionele optelsom werkt:
-
Optie A: $2 + 11 + 7 = 20$ (Dit werkt! 2 plus 11 is 13, plus 7 maakt precies 20).
-
Optie B: $3 + 8 + 9 = 20$ (Dit werkt ook! 3 plus 8 is 11, plus 9 maakt precies 20).
-
Optie C: $13 + 3 + 4 = 20$ (13 plus 3 is 16, plus 4 maakt eveneens 20).
-
Optie D: $18 + 2 + 0$... maar wacht, er is geen 0 aanwezig!
Waarom ontstaat er dan toch verwarring?
Als er meerdere geldige optelsommen zijn ($2 + 11 + 7$, $3 + 8 + 9$, $13 + 3 + 4$), waarom staat het internet dan vol met mensen die beweren dat de puzzel "onmogelijk" is of dat er een "fopspoor" (trick) in zit?
Het antwoord schuilt in de manier waarop de vraag gesteld wordt en de visuele presentatie van het houten bord. Veel mensen proberen namelijk het getal 18 te gebruiken. Omdat 18 erg dicht bij 20 ligt, zoeken ze automatisch naar twee andere getallen die samen 2 maken. Maar de enige optie daarvoor zou $18 + 2 + 0$ zijn, en er is geen nul. Of ze proberen $18 + 1 + 1$, maar het getal 1 staat niet los op het bord. Door de fixatie op het grootste getal (18) raken veel puzzelaars in een mentale tunnelvisie.