Marco Borsato zit nog altijd midden in een juridisch staartje van een zaak die jarenlang boven de markt hing. Hoewel het strafproces inmiddels achter hem ligt, komt er dit najaar opnieuw een rechtbankmoment aan dat voor hem allesbehalve bijzaak is.
Op 4 november moet hij zich melden bij de rechtbank Midden‑Nederland. Niet om opnieuw inhoudelijk over de zedenbeschuldiging te praten, maar om een flinke rekening: het geld dat hij de afgelopen jaren kwijt was aan zijn verdediging.
Waar het op 4 november wél om draait
Borsato wil 391.000 euro terugkrijgen van de Nederlandse staat. Dat bedrag bestaat uit advocaatkosten en facturen van deskundigen die tijdens het langdurige onderzoek werden ingeschakeld.
Zijn advocaten, Geert‑Jan Knoops en Carry Knoops‑Hamburger, bevestigen dat er een datum is gepland voor behandeling. Borsato is volgens hen van plan om zelf aanwezig te zijn, wat laat zien dat hij deze stap persoonlijk belangrijk vindt.
Een kostenpost die over jaren is opgelopen
Volgens Knoops‑Hamburger gaat het om kosten die zich over een periode van zes jaar hebben opgebouwd, inclusief btw. Denk aan de begeleiding tijdens verhoren, strategisch overleg, dossierstudie en het inschakelen van experts.
Het is dus niet één grote rekening van één moment, maar het totaal van een lang traject. En juist omdat die periode zo lang was, loopt het bedrag al snel op, zeker bij een zaak met veel media‑aandacht.
Waarom je na vrijspraak geld kunt terugvragen
In Nederland bestaat de mogelijkheid om na een vrijspraak een verzoek in te dienen voor vergoeding van (een deel van) de gemaakte juridische kosten. De gedachte daarachter is eenvoudig: als iemand is vervolgd en uiteindelijk niet schuldig blijkt, kan het onredelijk zijn dat die persoon met alle kosten blijft zitten.
Daarbij is het niet automatisch zo dat alles wordt vergoed. De rechter kijkt of de opgevoerde bedragen redelijk zijn: waren de kosten noodzakelijk, passen ze bij de omvang van de zaak en zijn ze goed onderbouwd met rekeningen en toelichting?