DEEL 3
Ik weet niet hoe lang ik niets zei.
Audrey zat tegenover mij.
Dezelfde zus die op iedere verjaardag van Tessa aanwezig was geweest.
Die haar eerste fiets had gekocht.
Die huilde bij haar diploma.
Die straks niet op haar bruiloft zou zitten.
‘Hoe lang wist jij dit?’
vroeg ik.
‘Veertien jaar.’
Mijn stem brak.
‘Veertien?’
‘Ja.’
‘En iedere kerst zat je bij ons aan tafel.’
Ze keek naar beneden.
‘Ja.’
‘Iedere verjaardag?’
‘Ja.’
‘En je keek naar Douglas alsof er niets was gebeurd?’
‘Niet alsof er niets gebeurd was.’
‘Voor mij wel.’
Dat kon ze niet ontkennen.
‘Waarom?’
vroeg ik.
‘Waarom heb je mij niets verteld?’
Audrey huilde nu openlijk.
‘Omdat hij mij liet geloven dat één waarheid jullie hele gezin kapot zou maken.’
‘Hij?’
‘Ja.’
‘En jij geloofde hem?’
‘Toen wel.’
Ze veegde haar gezicht af.
‘Jullie hadden net een moeilijke periode. Jij was net weer aan het werk. Tessa zat midden in haar examens. Douglas zei dat hij hulp had gezocht voor het gokken.’
‘Had hij dat?’
‘Ja.’
Dat verraste me.
‘Hij ging naar behandeling?’
‘Een tijd.’
‘Dus je dacht dat je ons beschermde.’
Audrey knikte.
Ik lachte bitter.
‘Iedereen beschermt mij blijkbaar door tegen me te liegen.’
Ze sloot haar ogen.
Dat raakte.
‘Ik weet het.’
‘Nee.’
Ik stond op.
‘Jij weet hoe het voelt om schuldig te zijn. Dat is iets anders.’
Ze knikte opnieuw.
‘Dat is eerlijk.’
Op weg naar huis belde ik Tessa.
‘Waar ben je?’
‘Bij Liam.’
‘Kunnen we vanavond praten?’
Stilte.
‘Heeft Audrey het verteld?’