MIJN MAN KWAM ZONGEBRUIND THUIS MET ZIJN SECRETARESSE

DEEL 4 — HET HUIS WAS VAN MIJ, MAAR DAT BETEKENDE NIET DAT IK HEM DIEZELFDE NACHT KON BUITENZETTEN

Alexander bleef in villa.

Ik niet.

Dat irriteerde iedereen om mij heen.

Claire vroeg:

‘Waarom laat je hem daar?’

‘Omdat het juridisch de echtelijke woning is geweest en ik geen slotenoorlog wil.’

‘Maar het is jouw BV.’

‘Ja.’

‘Dus?’

‘Dus advocaten regelen gebruik.’

De villa was eigendom van MV Vastgoed B.V., waarvan ik alle aandelen bezat.

Aangekocht vóór huwelijk.

Alexander had geen eigendomsrecht.

Maar hij woonde er al zeven jaar.

Een familierechtelijke procedure en redelijke overgang moesten worden gerespecteerd.

Ik wilde geen verhaal waarin verdrietige weduwe? Not widow. Mother. I wanted no story of rich wife throwing husband out overnight.

Dus kreeg Alexander zes weken om alternatieve woonruimte te vinden.

Hij noemde dat ‘wreed’.

Ik herinnerde hem eraan dat hij een appartement in Amsterdam bezat via eigen holding.

Hij zei dat dat verhuurd was.

‘Dan huur je iets.’

‘Weet jij wat huren in Amsterdam kost?’

Ik keek hem aan.

‘Je verdient drie ton.’

Hij stopte.

Geldarmoede was blijkbaar relatief.

In die zes weken ging ik één keer naar villa.

Niet om hem te zien.

Om Sophies kamer leeg te halen.

Alexander was weg.

Ik had sleutel.

Mijn eigendom.

Toch voelde ik me indringer.

Sophies bed stond onaangeroerd.

Het dekbed met wolkjes.

Houten keukentje.

Prentenboeken.

Een roze regenjas achter deur.

Op nachtkastje lag een tekening.

Drie stokfiguren.

Mama.

Papa.

Sophie.

Boven Alexander had ze een enorm hoofd getekend.

Ik ging op vloer zitten.

En brak.

Niet stille tranen.

Ik schreeuwde in haar kussen zodat niemand buiten kamer het hoorde.

Toen ik weer kon ademen, zag ik een kartonnen doos in kast.

Bovenop stond:

PAPA BALI

Mijn hart stopte.

Binnen lagen twee schelpen.

Een tekening van vliegtuig.

Een klein armbandje dat Sophie zelf van kralen had gemaakt.

Claire had haar verteld dat papa op reis was.

Sophie had een cadeau voor hem gemaakt.

Terwijl hij met Babette champagne dronk.

Ik nam doos mee.

Niet om Alexander pijn te doen.

Omdat ik niet kon verdragen dat hij hem later zou vinden en zichzelf daarmee een scène cadeau zou doen.

Misschien was dat ook controle.

Ik weet het niet.

Rouw maakt morele helderheid soms onmogelijk.