DEEL 7 — ALEXANDER HAD VERWACHT DAT IK NA SOPHIES DOOD ZOU BREKEN
Het document dat mij het meest bang maakte was geen bankafschrift.
Het was een e-mail aan zijn persoonlijke advocaat.
Verzonden twee maanden vóór Bali.
Merel is emotioneel zeer afhankelijk van Sophie. Als er ooit iets met kind gebeurt, verwacht ik dat zij langere tijd niet zakelijk inzetbaar is. Ik wil voorkomen dat onderneming dan geblokkeerd raakt door haar benoemingsrechten. Kunnen we alvast volmacht/continuïteitsmechanisme voorbereiden?
Zijn advocaat antwoordde professioneel:
Bij tijdelijke onbekwaamheid kan governance conform statuten en bestaande beschermingsregelingen worden ingericht. Ik raad af zonder mevrouw Van Dijk eenzijdige wijzigingen voor te bereiden die haar rechten verminderen.
Alexander:
Kan zij benoemingsrecht vrijwillig aan mij delegeren?
Advocaat:
Tijdelijk en specifiek wellicht, mits onafhankelijk geadviseerd en uit vrije wil. Niet standaard.
Daarna concept.
Nooit getekend.
Maar voorbereid.
Dat betekende niet dat Alexander Sophie dood wilde.
Ik wil dat heel duidelijk zeggen.
Er was geen bewijs dat hij haar ziekte veroorzaakte.
Geen bewijs dat hij haar medische situatie gewenst had.
Maar toen zij stierf, lag er al een document klaar waarmee hij hoopte dat ik uit verdriet tijdelijke bestuursmacht aan hem zou geven.
Babette herinnerde zich dat hij op Bali zei:
‘Na vakantie krijg ik eindelijk rust in governance.’
Toen hij thuiskwam en hoorde dat Sophie dood was, moet er naast verdriet nog iets in hem gebeurd zijn.
Misschien schaamte.
Misschien paniek.
Misschien calculatie.
Ik zal nooit weten in welke volgorde.
Maar nog diezelfde nacht stuurde hij zijn advocaat:
Merel is volledig ingestort. Ik denk dat continuïteitsvolmacht nu urgent wordt.
Volledig ingestort.
Ik was met koffer vertrokken.
Dat was zijn bewijs.
Zijn advocaat antwoordde:
Gecondoleerd. Dit is absoluut niet het moment om haar enige governance-overdracht voor te leggen. Laat haar onafhankelijke bijstand zoeken.
Die advocaat werd later belangrijke getuige dat hij juist had afgeraden druk te zetten.
Niet iedereen om Alexander was corrupt.
Dat moest ik telkens onthouden.