Op deze datum gaat de klok weer over van zomertijd naar wintertijd

Die uitslag had wel een belangrijke kanttekening. Slechts een klein deel van de totale EU-bevolking nam deel en bovendien kwam ongeveer twee derde van de reacties uit Duitsland.

Het Europees Parlement stemde in 2019 voor het beëindigen van de seizoensgebonden tijdswisselingen. De plannen liepen vervolgens vast omdat de EU-landen geen gezamenlijke keuze maakten over de tijd die daarna permanent zou moeten gelden.

Een definitieve keuze tussen standaardtijd en permanente zomertijd heeft daardoor nog altijd niet plaatsgevonden. De voorgenomen laatste klokwissel in 2021 ging dan ook niet door.

Energiebesparing blijkt beperkt

De moderne zomertijd werd in Nederland in 1977 opnieuw ingevoerd. Drie jaar eerder dan in West-Duitsland, de oliecrisis van 1973 speelde daarbij een belangrijke rol.

Net als in andere Europese landen leefde het idee dat het beter benutten van daglicht energie kon besparen. Wanneer het ’s avonds volgens de klok langer licht bleef zou er namelijk minder kunstmatige verlichting nodig zijn.

Tegelijkertijd kan tijdens koudere ochtenden juist meer verwarming nodig zijn. Daardoor kan een deel van de besparing weer verdwijnen, voorlopig verandert er daarom praktisch niets, behalve dat de klok een uur wordt verzet.

Op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok om 03.00 uur terug naar 02.00 uur. Wie wil onthouden welke kant de klok opgaat heeft dit najaar dus vooral één belangrijk gegeven nodig. In oktober krijgt Europa het uur terug dat bij het begin van de zomertijd in maart werd ingeleverd.