Een voorbeeld dat veel aandacht trekt: een post na een bezoek aan Kamp Westerbork met de zin “Sommige plekken maken je stil. Kamp Westerbork is zo’n plek.” Volgens de detector zou ook dit bericht AI-gegenereerd zijn. En juist zo’n zin voelt voor lezers als iets dat ‘recht uit de persoon’ komt.
Stijlkenmerken: drieslagen en ‘niet dit, maar dat’
De analyse vond terugkerende stijlfiguren die vaak bij AI-teksten opduiken. Zo zou in ruim 80 procent van de als AI aangemerkte posts een drieslag staan: drie woorden of zinsdelen die samen een ritme en overtuigingskracht geven. Dat leest lekker, maar kan ook erg “gemaakt” overkomen.
Ook constructies als ‘niet dit, maar dat’ zouden na het intensievere AI-gebruik ruim twee keer zo vaak voorkomen. Een voorbeeld dat wordt genoemd: luisteren “naar verhalen van pijn, gemis en onrecht, maar ook van veerkracht, trots en verbondenheid”. Het is effectief, maar ook typisch zoiets dat taalmodellen graag produceren.
Gevoelige onderwerpen en soms vreemde zinnen
Volgens het onderzoek zouden AI-teksten ook zijn gebruikt rond beladen thema’s zoals Keti Koti, de oorlog in Oekraïne en de herdenking van de MH17-ramp. Dat zijn onderwerpen waarbij toon en timing cruciaal zijn, en waar mensen snel aanvoelen of iets oprecht klinkt.
Soms leidde het gebruik tot zinnen die inhoudelijk rammelen. Over de woningmarkt werd bijvoorbeeld geschreven: “Want zolang starters vastzitten, kunnen jonge gezinnen niet door.” De krant wijst erop dat die verhuisketen zo niet logisch is. Zulke fouten passen bij teksten die goed klinken, maar niet altijd goed doordacht zijn.
D66 erkent AI-gebruik, maar wijst op menselijke controle
D66 bevestigt tegenover de Volkskrant dat er kunstmatige intelligentie wordt gebruikt in het productieproces. Volgens de partij gaat het onder meer om eerste concepten, het inkorten of structureren van teksten en het eenvoudiger maken van taal. Met andere woorden: AI als gereedschap, niet als eindredacteur.
De partij benadrukt dat “elke post en alle content begint én eindigt altijd met de blik en de verbeteringen van onze medewerkers”. Tegelijk zegt D66 ook dat berichten “soms worden geaccordeerd zonder aanpassingen”. Dat laatste is precies het soort detail dat vragen oproept over verantwoordelijkheid.
Ook bij het boek van Jetten zou AI zijn ingezet
Het bleef volgens D66 niet bij socialmediaberichten. Ook bij Jettens boek Hoe het wél kan zou AI als hulpmiddel zijn gebruikt. Dat betekent niet automatisch dat de inhoud “door een robot geschreven” is, maar het laat wel zien dat AI een vaste plek heeft gekregen in de communicatiemachine rond de politicus.
In politieke campagnes gebeurt dit breder: taal moet snel, consistent en foutloos zijn, zeker in drukke nieuwsweken. Maar waar de grens ligt tussen praktische hulp en het vervangen van een eigen stem, is precies waar het debat nu over gaat.