De aanpak richt zich op de plekken waar de meeste smokkel plaatsvindt. Denk aan de havens van Rotterdam en Vlissingen, luchthavens zoals Schiphol en Eindhoven, en de snelwegen die vanuit Oost-Europa Nederland binnenlopen. Mobiele scanners, speurhonden en gerichte controles vormen samen een net waar smokkelaars moeilijker doorheen glippen.
Container-scans zijn daarbij een belangrijke stap. Waar vroeger een deel van de vracht steekproefsgewijs open werd getrokken, kunnen scanners nu in korte tijd hele ladingen doorlichten. Verborgen dozen achter houten pallets, in dubbele wanden of tussen legale ladingen komen daardoor sneller aan het licht.
Waar komt die rookwaar eigenlijk vandaan?
De routes zijn vaak lang en complex. Een groot deel van de illegale sigaretten die in Nederland worden onderschept, komt uit Oost-Europa, Noord-Afrika of het Midden-Oosten. Soms gaat het om echte merken die zonder accijns worden doorverkocht, soms om compleet nagemaakte sigaretten waarvan zelfs de verpakking en het merklogo vervalst zijn.
Die namaakvariant is berucht in de opsporingswereld. De sigaretten worden geproduceerd in illegale fabrieken, vaak zonder enige vorm van kwaliteitscontrole. Wat er precies in zit, weet niemand: analyses van in beslag genomen partijen hebben in het verleden alles gevonden van schimmel en zand tot resten van insecten. Voor de roker die denkt een koopje te scoren, is dat een onaangename verrassing.
