Toch blijft voorzichtigheid belangrijk bij zulke conclusies. Mensen verschillen namelijk op veel meer vlakken dan alleen suikerinname. Denk aan beweging, inkomen, leefomgeving en andere voedingskeuzes. Onderzoekers proberen daarvoor zoveel mogelijk te corrigeren.

Ook cellen lijken langzamer te verouderen
Het onderzoek keek niet alleen naar kanker. Ook biologische veroudering werd onderzocht. Daarvoor bekeken wetenschappers onder meer telomeren. Dat zijn beschermende uiteinden van chromosomen.
Telomeren worden meestal korter naarmate cellen ouder worden. Kortere telomeren worden daarom vaak gezien als teken van biologische veroudering. Mensen met weinig suiker in hun vroege jeugd hadden gemiddeld langere telomeren. Dat verschil was volgens onderzoekers behoorlijk duidelijk.
De onderzoekers vertaalden dat verschil naar ongeveer 2,2 jaar biologische veroudering. Met andere woorden, hun cellen leken iets jonger. Dat zegt niet alles over iemands echte gezondheid. Toch is het een interessante aanwijzing.
Ook het immuunsysteem leek minder sterk geactiveerd. De groep met weinig suiker had minder bepaalde eiwitten in het bloed. Die eiwitten hangen samen met activiteit van het afweersysteem. Een voortdurend actief immuunsysteem kan juist passen bij veroudering.
Chronische ontsteking speelt namelijk een rol bij verschillende ouderdomsziekten. Denk aan hartproblemen en bepaalde vormen van kanker. Minder ontstekingsactiviteit kan daarom gunstig zijn. De onderzoekers zien dit als mogelijke verklaring voor de gevonden verschillen.
Ook hier geldt dat één meting niet alles vertelt. Veroudering bestaat uit veel verschillende processen. Telomeren zijn daar maar één onderdeel van. Toch wijzen meerdere uitkomsten in dezelfde richting.
De vroege voeding lijkt mogelijk invloed te hebben op hoe snel bepaalde lichaamsprocessen veranderen. Dat maakt de peuterjaren extra interessant voor onderzoek. De gevolgen kunnen namelijk pas tientallen jaren later zichtbaar worden.

Eetpatroon blijft vaak jarenlang hangen
Een ander opvallend resultaat gaat over eetgewoonten. Mensen die als kind weinig suiker kregen, aten later vaak ook minder zoet. Dat verschil bleef dus niet beperkt tot de peutertijd. Hun voedingspatroon bleef op volwassen leeftijd anders.
Volgens onderzoekers aten zij gemiddeld gevarieerder. Ook kozen ze vaker voor gezondere producten. Dat kan natuurlijk eveneens invloed hebben op hun gezondheid. Het is daarom lastig om één oorzaak aan te wijzen.