Kost een blouse €60, dan denk je waarschijnlijk twee keer na voor je bestelt. Is een vergelijkbare blouse €6, dan voelt het bijna alsof je hem gewoon even kunt proberen.
Staat hij toch niet helemaal? Ach, voor dat bedrag…
En volgende week staat er alweer iets nieuws online.
Zo verandert kleding van iets dat jarenlang meegaat in iets dat steeds vaker als wegwerpartikel wordt behandeld.
De echte prijs staat niet altijd op het kaartje
Dat betekent natuurlijk niet dat iedereen die bij Shein bestelt bewust kiest voor slechte arbeidsomstandigheden of milieuschade. Voor veel mensen is betaalbare kleding juist belangrijk, en precies die lage prijzen maken het platform aantrekkelijk.
Toch is het goed om jezelf af te vragen waarom iets zo goedkoop kan zijn.
Als je voor een paar euro een compleet kledingstuk kunt bestellen dat aan de andere kant van de wereld is gemaakt, verpakt en naar Europa is vervoerd, dan is die lage prijs ergens in de keten mogelijk gemaakt.
Volgens critici zit dat deels in lage productiekosten, werkomstandigheden, materiaalkeuzes en milieubelasting.
Dus: helemaal geen Shein meer?
Uiteindelijk bepaal je zelf waar je je kleding koopt. Maar het kan geen kwaad om niet alleen naar het bedrag naast de bestelknop te kijken.
Een goedkoop kledingstuk dat je één keer draagt en daarna weggooit, is per saldo misschien helemaal niet zo voordelig.
Iets duurders dat jarenlang meegaat, kan per draagbeurt juist goedkoper uitpakken.
Misschien is daarom de belangrijkste vraag de volgende keer dat je voor €100 een enorme stapel kleding in je digitale winkelmandje hebt liggen niet: “Hoe kan dit zo goedkoop zijn?”
Maar:
“Wie of wat betaalt uiteindelijk het gat dat overblijft?”