De mannen die mijn dansstudio kwamen redden, hadden nog glitter in hun haar van de nacht ervoor.

Ik had op dat moment nog precies genoeg geld om één maand huur te betalen, als ik de energierekening liet liggen en mijn zus bleef geloven dat alles goed ging. Ze noemden zichzelf Nachtdienst, verdienden hun geld met nachtelijke shows in clubs en wilden dat ík hun choreograaf werd voor een landelijke commerciële danswedstrijd. Mijn eerste antwoord was nee. Mijn tweede ook. Toen legden ze een envelop met contant voorschot op mijn balie. Ik heb hem niet teruggeschoven.

De mannen die mijn dansstudio kwamen redden, hadden nog glitter in hun haar van de nacht ervoor. Ik had op dat moment nog precies genoeg geld om één maand huur te betalen, als ik de energierekening liet liggen en mijn zus bleef geloven dat alles goed ging. Ze noemden zichzelf Nachtdienst, verdienden hun geld met nachtelijke shows in clubs en wilden dat ík hun choreograaf werd voor een landelijke commerciële danswedstrijd. Mijn eerste antwoord was nee. Mijn tweede ook. Toen legden ze een envelop met contant voorschot op mijn balie. Ik heb hem niet teruggeschoven. 

Ik ben Lara de Wit, dertig, en mijn studio heet Lijn Acht. Vier jaar geleden tekende ik het huurcontract voor een leeg winkelpand in Rotterdam-West. Mijn vader hielp spiegels ophangen, mijn jongere zus Evi verfde de kleedkamer en ik sliep de eerste weken op een yogamat omdat ik na de laatste les geen energie meer had om naar huis te fietsen.

In het begin liep het. Stretching op maandag, volwassenen-ballet op woensdag, commerciële dans op vrijdag. Daarna kwamen de ketens met abonnementen waar ik qua prijs nooit tegenop kon. Mijn huur ging omhoog, twee vaste docenten vertrokken en in februari stonden er op sommige avonden meer planten dan leerlingen in de zaal.

Ik had inmiddels achterstand bij de verhuurder, een openstaande energierekening en een zakelijke creditcard die ik alleen nog opende wanneer ik mezelf wilde straffen. Evi wist daar niets van. Zij was zes jaar jonger en ik had sinds onze ouders uit elkaar gingen de vervelende gewoonte aangenomen om alles voor haar op te lossen voordat ze wist dat er iets op te lossen viel.

Daarom zei ik op een dinsdagochtend opgewekt dat de studio “een rustige maand” had toen ze vroeg waarom ik weer havermout uit een plastic bakje at.

Een uur later kwamen de mannen binnen.

Vijf stuks. Nadir, Joost, Ilyas, Finn en Sem. Zwarte sporttassen, spierpijn, slechte koffie en een geur van deodorant die een hele kleedkamer kon vullen. Hun video’s kende ik. Bij vrijgezellenfeesten en clubs deden ze een strakke, provocerende revue met veel vloerwerk, open shirts en precies genoeg humor om te doen alsof ze zichzelf niet serieus namen.

“Wij willen naar de finale van VOLT,” zei Joost. “En daarvoor moeten we blijkbaar ineens echte dansers worden.”

“Dan zou ik vroeg beginnen,” zei ik.

Nadir lachte. De rest niet.

Ze hadden zich al ingeschreven voor de voorronde van VOLT Dance Challenge, een commerciële competitie met livestreams, sponsors en een hoofdprijs van veertigduizend euro. De organisatie had laten weten dat hun auditievideo aandacht trok, maar dat de choreografie “te clubmatig” was.

“Jullie willen dus dat ik het respectabel maak,” zei ik.

“Wij willen dat jij zorgt dat ze niet na twintig seconden ‘stripact’ roepen,” zei Nadir.

Dat woord hing even tussen ons. Ik dacht aan mijn naam op de gevel, aan ouders van tienerleerlingen, aan oud-collega’s die graag zeiden dat Lijn Acht nooit een serieuze dansschool was geworden.

“Nee,” zei ik.

Joost legde een envelop op de balie. “Voorschot.”

Ik keek niet meteen.

“Drie duizend nu,” zei hij. “Nog drie als we de finale halen.”

Dat bedrag was geen redding. Het was wel zuurstof.

Ik pakte de envelop.

De eerste repetitie was verschrikkelijk. Finn telde te snel, Sem kende links en rechts alleen zolang niemand naar hem keek, Joost discussieerde over iedere correctie en Ilyas kreeg kramp zodra ik langer dan tien minuten aan techniek werkte.

Nadir was anders. Hij had jaren geleden een dansopleiding gedaan en was na een enkelblessure gestopt. Hij kende termen, hoorde muzikale accenten en werd woedend als de anderen lachten tijdens een moeilijke combinatie.

“Vanaf boven,” zei ik.

Joost kreunde. “We doen dit al twee uur.”

“Daarom lukt het bijna.”

Na drie weken bleven ze na sluitingstijd oefenen. Ze aten kapsalon op de vloer, plakten hun eigen tenen af en stopten langzaam met grappen zodra de muziek begon. Ik stopte ondertussen met tellen hoeveel lessen ik moest verkopen om de volgende huur te halen.

Bij de voorronde in Utrecht dansten ze beter dan tijdens iedere repetitie. Niet netjes, wel levend. Toen Nadir halverwege zijn solo uitgleed, ving Finn hem op alsof het erbij hoorde. Het publiek merkte niets.

Ze haalden de finale.

Ik zat nog op de rand van het podium toen een vrouw met een headset naast me kwam zitten. Marieke Smit, creatief producent van VOLT. Ze feliciteerde me en vroeg of ik even mee wilde lopen.

In een lege productiekamer liet ze op haar laptop een ruwe montage zien. Clubbeelden van Nachtdienst. Joost met champagne over zijn borst. Finn op een tafel tijdens een vrijgezellenfeest. Daaronder grote letters: `VAN NACHTCLUB NAAR NATIONAAL PODIUM — KUNNEN ZE ECHT DANSEN?`

“Dit krijgen zij ook te zien?” vroeg ik.

“Niet deze versie.”

Marieke sloot de laptop niet.

“Ze zijn goed voor ons,” zei ze. “Mensen kennen ze. Mensen hebben een mening. Als ze sterk dansen, prima. Maar we bouwen wel naar de vraag of ze hier überhaupt thuishoren.”

“Dus jullie willen dat ze uitgelachen worden.”

“Wij willen televisie.”

Ze schoof een map naar me toe. Een apart contract voor mij: choreografieadvies tijdens de finaleweek, plus een optie voor het volgende seizoen. Achttienduizend euro als ik beschikbaar bleef en niets met de kandidaten besprak over interne redactionele keuzes.

Ik wist precies wat achttienduizend euro betekende.

Geen aanmaning op de mat. Geen telefoontje van de verhuurder. Geen gesprek met Evi waarin ik moest toegeven dat de studio waar ik haar altijd trots doorheen leidde al maanden op instorten stond.

Marieke tikte met één vinger op de map.

“Denk er een nacht over na. Maar Lara?”

Ik keek op.

“Als je ze vertelt hoe we dit framen, gaat dit contract van tafel.”

Het tweede deel staat in de eerste reactie 👇

 

DEEL TWEE

Ik nam de map mee naar huis.

Dat was mijn eerste slechte keuze. De tweede kwam de volgende ochtend.

Ik sliep nauwelijks. Rond half zeven zat ik op de rand van mijn bed met de map op mijn knieën en mijn bankapp open. De zakelijke rekening stond bijna leeg. De verhuurder had de dag ervoor nog gemaild dat hij uiterlijk vrijdag een deelbetaling wilde. De energieleverancier dreigde met afsluiting als ik opnieuw een regeling miste.

Evi stuurde ondertussen een foto van een tweedehands eettafel die ze wilde kopen.

`Te duur?` vroeg ze.

Ik typte: `Nee joh, ziet er goed uit.`

Daarna belde ik Marieke.

We spraken af in een café bij Rotterdam Centraal. Zij nam espresso, ik koffie die ik vergat op te drinken. Ik vroeg wat ze precies van Nachtdienst wilden maken.

“Van niemand maken we iets,” zei ze. “We gebruiken wat er al is.”

“Met beelden die zij niet hebben goedgekeurd.”

“Ze hebben een release getekend voor openbaar materiaal en eigen socials. Lara, we bepalen de uitslag niet. De jury kan ze negens geven als ze briljant zijn. Maar kijkers hebben een ingang nodig. Hun ingang is dat ze bekendstaan als clubjongens.”

Ze zei het rustig, bijna vermoeid. Ze vertelde dat iedere finalist een verhaallijn kreeg: de alleenstaande moeder, het conservatoriumtalent, de underdog uit een klein dorp. Nachtdienst kreeg controverse.

“En mijn rol?”

“Jij bent goed. Ik meen dat. Ik wil je na dit seizoen vaker inzetten. Maar ik kan geen choreograaf naast kandidaten hebben die redactievergaderingen doorspeelt.”

Op de laatste pagina stond een voorschot van zesduizend euro bij ondertekening.

Ik vroeg om een pen.

Twee dagen later betaalde ik de achterstallige energierekening en bijna twee maanden huur. Toen het geld van mijn rekening verdween, voelde ik vooral opluchting. Dat maakte het erger.

Bij de repetitie die avond vroeg Nadir waarom ik zo vrolijk was.

“Bedrijfsworkshop binnengehaald,” zei ik.

“Mooi.”

Hij geloofde me meteen.

De finale was over vijf weken. Marieke stuurde steeds vaker opmerkingen door. Meer herkenbaarheid uit de clubact. Sneller shirtjes open. Een duidelijker “wow-moment” in de eerste minuut. Ik begon die aanwijzingen te verwerken zonder te zeggen waar ze vandaan kwamen.

Na een uur repetitie trok Joost zijn shirt omhoog.

“Als we toch weer halfnaakt moeten, waarom hebben we dan vijf weken voetenwerk gedaan?”

“Je hoeft niet halfnaakt,” zei ik. “Het moet alleen directer.”

Nadir stond bij de spiegel en keek naar me. “Dit zei je drie weken geleden precies andersom.”

“Drie weken geleden hadden we geen livepubliek.”

“En nu ineens wel?”

Ik zette de muziek opnieuw aan.

“Vanaf het begin.”

Joost keek van mij naar Nadir. “Jij mag zeker weer midden.”

“Wat heeft dat ermee te maken?” vroeg Nadir.

“Alles. Sinds jullie samen na sluiting koffie drinken, krijgt meneer iedere mooie acht.”

De zaal werd stil.

Ik voelde mijn gezicht warm worden. Nadir en ik hadden inderdaad twee keer koffie gedronken na repetitie. Een keer waren we tot na middernacht gebleven om muziek te knippen. Er was niets gebeurd. Nog niet.

“Hij staat midden omdat hij de overgang stabiel houdt,” zei ik.

“Tuurlijk.”

Nadir gooide zijn handdoek naar de grond. “Doe normaal, Joost.”

“Jij hoeft niks te zeggen. Jij wint hier sowieso.”

Het werd een echte ruzie. Finn liep ertussen, Sem zette de muziek uit en Ilyas ging buiten roken hoewel hij drie maanden eerder was gestopt. Ik stuurde ze uiteindelijk allemaal naar huis.

Nadir bleef.

“Misschien heeft hij een punt,” zei hij.

“Over die solo niet.”

“Dat zei ik niet.”

Hij pakte twee flesjes water uit de koelkast achter de balie. “Je bent veranderd sinds Utrecht.”

Ik schroefde mijn dop open. “Ik heb gewoon druk.”

“Van wie?”

Ik keek hem aan en loog opnieuw.

“Van iedereen.”

Hij zette zijn fles neer. “Dat is geen antwoord.”

“Dan krijg je vanavond geen antwoord.”

Hij werd niet boos. Dat maakte het moeilijker.

We zaten later op de vloer met onze rug tegen de spiegel. Hij vertelde dat hij na zijn enkelblessure maandenlang had gedaan alsof stoppen zijn eigen keuze was. In werkelijkheid kon hij zijn opleiding niet meer betalen toen hij zijn beurs kwijtraakte. Een vriend nam hem mee naar een clubshow. Daar verdiende hij in één nacht meer dan in een week vakkenvullen.

“En toen bleef je.”

“Eerst voor geld. Daarna ook omdat het leuk was.” Hij keek naar zijn handen. “Maar mensen horen ‘club’ en denken dat je geen techniek hebt. Daarom wil ik die finale. Eén keer iets doen zonder dat iemand vooraf lacht.”

Ik had hem daar moeten vertellen wat ik wist.

In plaats daarvan kuste ik hem.

Het duurde niet lang. Hij lachte daarna zacht en vroeg of dit ook onder mijn bedrijfsworkshop viel.

Ik zei dat hij moest ophouden.

De volgende middag stond Evi onverwacht in de studio. Ik gaf les, dus ze wachtte achter de balie. Toen ik klaar was, lag mijn laptop open.

“Waarom mailt je verhuurder over een betalingsregeling?” vroeg ze.

Ik trok het scherm dicht.

“Niet jouw zaak.”

Ze keek me aan alsof ik haar had geslagen.

“Oké.”

“Sorry. Ik bedoel—”