Op warme dagen lijkt het soms een terugkerend debat aan de keukentafel, op kantoor of in de trein: de één vindt het “wel mee vallen”, de ander smelt ter plekke. En opvallend vaak zijn het vrouwen die zeggen dat ze het sneller benauwd, plakkerig en uitgeput voelen.

Dat klinkt al snel als een kwestie van aanstellen of gewoon “anders gewend zijn”, maar zo simpel is het niet. Hoe je hitte ervaart hangt af van meerdere mechanismen in je lichaam, en daar zitten bij vrouwen gemiddeld net wat andere knoppen en schuifjes aan.
Waarom die hitte zo verschillend kan voelen
Temperatuurbeleving is geen puur gevoel, maar een mix van fysiek en fysiologisch. Denk aan hoe makkelijk je warmte kwijtraakt, hoe goed je bloedvaten reageren en hoeveel energie je lichaam moet leveren om koel te blijven.
Dat verklaart ook waarom het niet altijd eerlijk is om te zeggen dat “iedereen het toch warm heeft”. Ja, het is voor vrijwel iedereen pittig, maar sommige lichamen moeten simpelweg harder werken om dezelfde verkoeling te bereiken.
Minder zweten betekent niet automatisch ‘minder last’
Een van de belangrijkste manieren waarop het lichaam afkoelt, is zweten. Het zweet zelf koelt je niet af; het gaat om de verdamping. Hoe efficiënter die verdamping, hoe beter je warmte kwijt kunt.
Volgens huisarts dr. Amir Khan zweten vrouwen gemiddeld minder dan mannen. Ze hebben wel ongeveer hetzelfde aantal zweetklieren, maar produceren vaak minder zweet. Daardoor kan afkoelen via verdamping minder effectief verlopen.