Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan staat stevig in het middelpunt van een politieke storm die het kabinet-Jetten serieus kan doen wankelen. De D66-bewindsvrouw van Volkshuisvesting werd bij haar aanstelling aangeprezen vanwege haar imposante militaire carrière, maar precies die achtergrond vormt nu haar grootste politieke kwetsbaarheid. Als commandant van vliegbasis Eindhoven liet zij een reeks ernstige kwesties achter: het stelselmatig monddood maken van een klokkenluider, het opleggen van een zwijgcontract, vermeende meineed, toegedekte miljoenenfraudezaken en ongeoorloofd gebruik van militaire vliegtuigen.
De klokkenluider die alles in gang zette
Victor van Wulfen, een ervaren F16-piloot met gevechtservaring, stapte in 2006 over naar de Hercules-transportvloot op vliegbasis Eindhoven. Zijn opdracht was helder: verbeteringen doorvoeren en de veiligheid verbeteren. Vanaf 2007 meldde hij herhaaldelijk dat de vliegveiligheid structureel tekortschoot: voorschriften ontbraken of werden genegeerd door het personeel. Hij wilde een nieuwe tragedie zoals de beruchte Herculesramp voorkomen. Zijn meldingen werden echter niet serieus genomen. In plaats daarvan werd Van Wulfen zelf het mikpunt. Tijdens zijn vakantie voegden artsen zonder enig consult een psychische stoornis toe aan zijn medisch dossier. Vervolgens deelde zijn commandant het volledige squadron mee dat Van Wulfen vrijwillig aan een psychiatrisch traject deelnam, een bewering die de onderzoeksraad later onomwonden als onjuist bestempelde.
Officiële erkenning, maar geen herstel
In 2015 stelde de Onderzoeksraad Integriteit Overheid Van Wulfen op vrijwel alle punten in het gelijk. Toenmalig minister Hennis schreef de Kamer dat Defensie op meerdere niveaus ernstig had gefaald. Op papier leek de rehabilitatie een feit, maar in de praktijk veranderde er nauwelijks iets. Precies op dat moment stapte Boekholt in als commandant en escaleerde de situatie verder. Kort na een televisie-uitzending over de zaak legde zij Van Wulfen in februari 2017 een inroosterverbod op, waarmee zij hem feitelijk zijn beroep ontnam. Haar motivering was opvallend simpel: hij had een “druk hoofd”. Nog opmerkelijker was een e-mail die zij stuurde aan de behandelaar van zijn bezwaar, terwijl dat bezwaar nog liep. Daarin schreef zij: “Blijf me vooral bestoken met zaken die je nog kunt gebruiken of zoekt. Ik heb inmiddels 1700 mails over hem.” De beklaagde leverde dus zelf bewijs aan bij haar eigen beoordelaar, met de landsadvocaat en hoge Defensiefunctionarissen in de cc.
Fraude, verdwenen bewijzen en een zwijgcontract
Vier Defensieartsen ontvingen tuchtrechtelijke veroordelingen, waarvan twee wegens het vervalsen van Van Wulfens medisch dossier. Defensie bevestigde schriftelijk dat loggingsgegevens van medische dossiers uit de kritieke periode van april tot november 2010 volledig zijn verdwenen. Niemand kan daardoor meer achterhalen wat er destijds in die dossiers werd toegevoegd, aangepast of verwijderd. Tegelijkertijd probeerde de Bestuursstaf Van Wulfen in 2017 een zwijgcontract te laten ondertekenen, inclusief verwijzingen naar strafrechtartikelen, terwijl de staatssecretaris in de Kamer publiekelijk beweerde dat Defensie zoiets nooit doet. Van zijn 35 ingediende aangiften seponeerde het Openbaar Ministerie er alle 35. Toen Van Wulfen bij het gerechtshof vervolging probeerde af te dwingen, bleken veertien processen-verbaal en ruim tweeduizend pagina’s bewijsmateriaal uit het dossier verdwenen. Zaken verjaarden daardoor ongehinderd.