Thea is 76 en zit aan de keukentafel, voor haar ligt een stapel papierwerk. Rekeningen. Post van de zorgverzekeraar. Overzichten die je drie keer moet doorpluizen voordat je snapt wat er staat. “Ik heb hulp nodig,” zegt ze kalm. “Maar ik durf niet meer te gaan.”
Elke afspraak voelt als een gok
Thea sukkelt al maanden met klachten. De huisarts raadde vervolgonderzoek aan. De verwijzing ligt klaar. Toch houdt ze de boel af. Niet omdat ze niet wil, maar omdat ze bang is voor de rekening.
“Je denkt niet meer: word ik hier beter van? Je denkt: wat gaat dit mij kosten?”
Het eigen risico is zo goed als op. Medicijnen worden steeds duurder. En dan hoor je ook nog dat de zorg wéér in prijs stijgt. “Daar zakt je moed gewoon van weg.”
Vroeger ging je zonder nadenken
Thea denkt terug aan een tijd dat je naar de dokter ging als er iets mis was. “Je stond er niet bij stil. Je maakte een afspraak en klaar.”
Nu weegt ze alles af. “Kan dit nog even? Is het echt nodig? Of hou ik het nog wel een paar maanden vol?”
Ze weet dat uitstel riskant is. Dat zegt de dokter ook. “Maar hij betaalt mijn rekening niet.”
Weinig speelruimte met pensioen
Thea moet rondkomen van haar pensioen. Geen grote buffer, geen luxe. “Ik let overal op: de verwarming lager, geen dure spullen kopen. Maar zorg kun je niet goedkoop toveren.”
Elke verhoging voel je meteen. “Voor sommigen zijn het een paar tientjes. Voor mij is het kiezen tussen zorg of rust in mijn hoofd.”
