**Deel 2 – Het vervolg van het verhaal**
Een paar seconden lang zei Victor niets.
Hij keek Emma aan alsof hij probeerde een rekensom te maken die zijn verstand weigerde te accepteren.
Zeventien jaar.
Haar leeftijd.
Het moment waarop hij was vertrokken.
Clara was de eerste die het begreep.
— Victor… is dit meisje jouw dochter?
Hij bevochtigde zijn lippen.
— Eliza, wat betekent dit?
Langzaam zette ik de emmer met aardappelen neer.
— Het betekent precies wat je net hebt gehoord.
— Je hebt me verteld dat…
Hij maakte zijn zin niet af.
Emma keek hem recht aan.
— Wat heeft mijn moeder je verteld?
Victor draaide zijn hoofd naar mij.
— Kunnen we even onder vier ogen praten?
— Nee, antwoordde ik. Je hebt zeventien jaar gehad om met mij te praten. Nu geef je haar antwoord.
Clara deed al een stap achteruit.
— Victor, je hebt me verteld dat je geen kinderen hebt.
— Het is ingewikkeld.
Emma lachte kort.
Maar in die lach zat helemaal niets vrolijks.
— Wat is er ingewikkeld? Dat ik besta?
— Dat heb ik niet gezegd.
— Wat dan wel?
Victor streek met zijn hand door zijn haar.
De man die een paar minuten eerder nog vol trots zijn horloge en zijn auto had laten zien, was verdwenen.
— Ik was jong. Ik was er niet klaar voor.
Ik voelde mijn maag samenknijpen.
Dezelfde uitleg.
Na zeventien jaar.
— Vertel haar alles, Victor.
Hij keek me aan.
— Eliza…
— Vertel haar dat je het wist.
Emma draaide zich naar mij om.
— Mam?
Ik kon de waarheid niet langer verbergen.
— Je vader wist dat ik zwanger was.
Haar ogen vulden zich onmiddellijk met tranen.
— Maar je zei tegen me dat hij het misschien niet eens wist…
— Ik weet het.
Ik liep naar haar toe.
— Ik heb een fout gemaakt. Ik wilde je beschermen. Ik wilde niet dat je zou opgroeien met de vraag waarom een man die wist dat je bestond ervoor had gekozen om weg te gaan.
Victor kwam ertussen.
— Zo is het niet helemaal gegaan.
Ik draaide me naar hem om.
— Vertel jij dan hoe het wel is gegaan.
Hij zweeg.
Dus vertelde ik het zelf.
— Toen ik hem vertelde dat we een kind zouden krijgen, was hij de eerste dag blij. Twee dagen later zei hij dat een kind zijn leven zou verwoesten.
Clara keek hem aan alsof er een vreemde voor haar stond.
— Is dat waar?
— Ik was begin twintig! barstte Victor uit. Jullie praten alsof ik toen dezelfde man was als nu.
— Nee, zei Emma. We praten over de man die jij er toen voor koos te zijn.
Victor opende zijn mond, maar mijn dochter was nog niet klaar.
— Heb je ooit gebeld?
Stilte.
— Heb je ooit gevraagd of ik gezond was geboren?