Adrian haalde een vergeelde envelop uit zijn aktetas.
Mijn moeders handschrift stond erop.
Ik herkende het onmiddellijk.
Hij legde de envelop voorzichtig op mijn bed.
‘Ze vertelde me dat ik een dochter had.’
Ik voelde tranen opkomen.
‘Waarom heb je nooit contact opgenomen?’
Hij slikte.
‘Omdat ik de brief pas jaren later heb ontvangen. Hij was via een oude advocaat bewaard gebleven en bereikte mij pas nadat diens kantoor werd opgeheven.’
Ik keek naar de envelop.
‘En toen?’
‘Toen ben ik je gaan zoeken.’
Hij haalde diep adem.
‘Ik ontdekte dat je getrouwd was met Victor van Halen. Daarna zag ik dat er via mijn eigen verzekeringsmaatschappij een uitzonderlijk hoge polis op jouw leven was afgesloten.’
Ik voelde mijn hart bonzen.
‘En dat vond je verdacht.’
‘Ja.’
Hij keek me recht aan.
‘Vooral toen Victor kort voor jullie reis had gevraagd of de polis ook een overlijden tijdens een verblijf in het buitenland dekte.’
Ik verstijfde.
‘Dat heeft hij gevraagd?’
Adrian knikte.
‘Drie weken geleden.’
Hij had een intern onderzoek laten beginnen.
Toen hij hoorde dat Victor en ik naar Oostenrijk waren vertrokken, had hij een beveiligingsadviseur gevraagd de situatie discreet te beoordelen.
Op de avond van mijn val was er een melding binnengekomen dat Victor mij als vermist had opgegeven.
Maar zijn verklaring bevatte tegenstrijdigheden.
Hij beweerde dat ik tijdens een wandeling was verdwenen.
Tegelijkertijd kon hij opvallend nauwkeurig aangeven waar ik volgens hem gevallen moest zijn.
Adrian had onmiddellijk contact gezocht met de Oostenrijkse autoriteiten en de bergredding.
Hij had een helikopter beschikbaar gesteld voor de zoekactie.
‘Ik wist niet of we je levend zouden vinden,’ zei hij zacht.
Zijn stem brak.
‘Maar ik kon niet blijven zitten.’
Ik keek hem aan.
De man die mijn hele leven een onbekende was geweest, had alles op alles gezet om mij te redden.
Terwijl de man met wie ik getrouwd was me had proberen te doden.
Twee dagen later verslechterde mijn toestand.
Ik werd wakker met een scherpe pijn in mijn buik.
De monitor naast mijn bed begon te piepen.
Een verpleegkundige kwam onmiddellijk binnen.
‘Mevrouw Van Halen?’
Ik greep haar arm.
‘Mijn baby…’
Ze drukte op de alarmknop.
Binnen enkele seconden stonden er meerdere artsen om mijn bed.
Iemand controleerde mijn bloeddruk.
Een ander keek naar de hartslag van mijn zoon.
Ik hoorde woorden die me doodsbang maakten.
‘Foetale nood.’
‘We moeten handelen.’
‘Operatiekamer gereedmaken.’
Ik begon te huilen.
‘Alsjeblieft, red hem.’
Een arts boog zich naar me toe.
‘We gaan een spoedkeizersnede uitvoeren.’
Ik knikte.
‘Doe wat nodig is.’
Toen ze mijn bed naar de operatiekamer reden, zag ik Adrian in de gang staan.
Hij kwam onmiddellijk naar me toe.
‘Elena?’
Ik greep zijn hand.
‘Als er iets met mij gebeurt…’
Hij schudde zijn hoofd.
‘Niet doen.’
‘Beloof me dat je voor mijn zoon zorgt.’
Zijn ogen vulden zich met tranen.
‘Dat beloof ik.’
De operatie duurde langer dan verwacht.
Later vertelden de artsen dat mijn verwondingen en de stress van de val mijn toestand ernstig hadden gecompliceerd.
Maar om 03.41 uur werd mijn zoon geboren.
Klein.
Kwetsbaar.
Maar levend.
Hij werd onmiddellijk onderzocht en kreeg ondersteuning bij zijn ademhaling.
Toen ik uren later wakker werd, stond Adrian naast mijn bed.
Hij hield een foto vast.
‘Elena.’
Ik probeerde mijn ogen te openen.
‘Mijn baby?’
Hij glimlachte door zijn tranen.
‘Je hebt een zoon.’
Ik begon te huilen.
‘Leeft hij?’
‘Ja.’
Hij liet me de foto zien.
Een klein jongetje.
Met donkere haartjes.
En een piepklein handje tegen zijn wang.
Ik kon nauwelijks ademhalen.
‘Hij is prachtig.’
Adrian knikte.
‘Dat is hij.’
Ik keek naar de foto.
‘Ik wil hem Thomas noemen.’
Adrian glimlachte.
‘Thomas.’
Ik knikte.
‘Mijn moeder zei altijd dat die naam kracht betekende voor haar.’
Hij streek voorzichtig over mijn haar.
‘Dan is het een prachtige naam.’
Ondertussen begon Victor ongeduldig te worden.
Dat hoorde ik later van Marieke.
Hij had al meerdere keren contact opgenomen met de verzekeringsmaatschappij.
Hij wilde weten wanneer de uitkering zou plaatsvinden.
Hij beweerde dat hij het geld dringend nodig had om zakelijke verplichtingen na te komen.
En hij had inmiddels een herdenkingsdienst aangekondigd.
Voor mij.
En voor onze zoon.
Toen Marieke me dat vertelde, voelde ik iets in mijn borst bevriezen.
‘Hij organiseert onze begrafenis?’