Snelheid op populaire snelweg wordt met 40 km/u verlaagd

Op een druk stuk noordelijke snelweg geldt sinds kort een fors lagere maximumsnelheid en de oorzaak daarvan zit letterlijk onder de banden verstopt.

Automobilisten die dagelijks tussen Drachten en Groningen pendelen, moeten voorlopig rekening houden met wat extra reistijd. Rijkswaterstaat heeft de maximumsnelheid op een fors deel van de A7 namelijk teruggebracht naar 90 kilometer per uur, en die verlaging blijft tot nader order van kracht.

Aanleiding vormt een recente controle van het wegdek, waaruit naar voren kwam dat de asfaltlaag niet langer voldoende stroef is. De beperking begint bij Leek en loopt door tot aan de stad Groningen, een traject van ongeveer tien kilometer lang.

Daarnaast geldt de lagere limiet voor het weggedeelte tussen Westerbroek en Zuidbroek, aan de oostkant van de stad. Ronde borden met het getal negentig, gecombineerd met een waarschuwing voor slipgevaar, maken de gewijzigde situatie zichtbaar voor iedere passant.

Met stroefheid doelen wegbeheerders op de ruwheid van het wegoppervlak, waarbij vooral de micro- en macrotextuur van de steenslag bepalend is. Die textuur zorgt voor grip tussen band en asfalt, houdt de remweg kort en maakt sturen bij hogere snelheden een stuk veiliger.

Waarom een drukke snelweg zijn grip verliest

Dat een druk bereden snelweg na verloop van jaren gladder wordt, is onder wegenbouwers een bekend verschijnsel. Het vele en zware verkeer slijpt de scherpe randjes van de steentjes stukje bij beetje weg, waardoor de bovenste laag als het ware gepolijst raakt.

Hoe gladder die korrels worden, hoe minder houvast de banden vinden, en het effect treedt het snelst op waar veel vrachtwagens rijden.

Bij regen levert zo’n gepolijste deklaag de meeste problemen op, omdat het hemelwater minder snel tussen de banden en het asfalt vandaan verdwijnt. Er kan dan een dunne waterfilm ontstaan, waardoor de kans op aquaplaning en slippen duidelijk toeneemt.

Verkeersbesluiten over verminderde stroefheid noemen om die reden steevast een langere remweg en het gevaar van glijden tijdens het sturen.

Rijkswaterstaat toetst het asfalt op vaste momenten aan een landelijke stroefheidsnorm, die per type deklaag verschilt.