Via haar advocaat liet ze weten dat eventuele afspraken over contact zorgvuldig moesten worden beoordeeld, rekening houdend met het strafrechtelijke onderzoek en Noors welzijn.
Ze zou geen beslissingen nemen onder druk.
Niet meer.
Vijf weken later mocht Noor definitief naar huis.
Niet naar het herenhuis in Hillegersberg.
Mia had inmiddels met hulp van Iris een tijdelijk appartement in Delft gevonden. De babyspullen die ze nodig had, stonden klaar. De rest kon later komen.
De eerste avond zat ze op de bank met Noor tegen haar borst.
Er waren nog geen schilderijen aan de muur en in de hoek stonden drie verhuisdozen.
Mia keek naar de slapende baby.
Voor het eerst in maanden voelde ze niet de behoefte om naar de gang te luisteren.
Ze hoefde niet te raden in welke stemming Daniel zou thuiskomen.
Ze hoefde haar telefoon niet weg te leggen wanneer er een bericht van Stefan binnenkwam.
Er viel niets uit te leggen.
Dat was een rust die ze bijna vergeten was.
Het strafrechtelijke onderzoek duurde maanden.
Bij de uiteindelijke behandeling van de zaak kwamen verschillende deskundigen aan het woord.
Zij beschreven de medische gevolgen van het aangetroffen geneesmiddel en legden uit waarom de concentratie in Mia’s bloed niet paste bij haar reguliere medicijngebruik.
Ook werden de afwijkende tabletten, de verpakking uit het huis en Daniels eerdere recept besproken.
De rechtbank hoorde hoe Daniel de medicatie had klaargezet, hoe hij de ochtend van de instorting thee voor Mia had bereid en hoe hij al voor haar bewusteloosheid had geprobeerd haar financiële zaken naar zich toe te trekken.
De verdediging betoogde dat niet met zekerheid vaststond hoe het geneesmiddel in haar lichaam was terechtgekomen.
Maar de rechtbank beoordeelde het geheel van de bewijsmiddelen, waaronder verklaringen, berichten, medicijnonderzoek en Daniels wisselende uitleg.
Mia was aanwezig toen het vonnis werd uitgesproken.
Ze zat naast Iris, met haar handen stil in haar schoot.
Daniel keek geen enkele keer naar haar.
De rechtbank achtte bewezen dat hij Mia opzettelijk het geneesmiddel had toegediend, met ernstig lichamelijk letsel als gevolg.
Daarvoor kreeg hij een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
Bij de strafoplegging woog de rechtbank zwaar mee dat hij het vertrouwen binnen hun huwelijk had misbruikt en dat Mia op het moment van de feiten hoogzwanger was.
De financiële verdenkingen werden in een afzonderlijke procedure behandeld.
Ook daar kwamen de ontbrekende zakelijke onderbouwingen en ongeoorloofde geldstromen aan het licht.
Het bedrijf raakte in een ingrijpende herstructurering. Mark trok zich uiteindelijk uit de gezamenlijke onderneming terug nadat zijn rol door de betrokken instanties was onderzocht.
Sophie werkte mee aan het financiële onderzoek. Haar eigen verantwoordelijkheid voor de facturen werd afzonderlijk beoordeeld.
Ze had Daniel nooit meer gesproken sinds haar verklaring bij de politie.
Mia wilde haar evenmin ontmoeten.
Ze had geen behoefte aan een gesprek waarin nog iemand zou uitleggen waarom zij zo lang was voorgelogen.
Na afloop van de strafzaak liep Mia langzaam de rechtszaal uit.
Een journalist vroeg haar of ze opgelucht was.
Ze bleef even staan.
‘Mijn dochter en ik leven,’ zei ze. ‘Dat is wat voor mij telt.’
Daarna liep ze verder.
Er volgde nog een moeilijke periode.
De echtscheiding moest worden afgewikkeld. De verdeling van gezamenlijke bezittingen kostte tijd en er werden juridische afspraken gemaakt over de toekomstige verantwoordelijkheden van beide ouders.
Voor Noor werd een regeling vastgesteld waarbij haar veiligheid en ontwikkeling centraal stonden. Contact met Daniel kon niet zomaar plaatsvinden en moest voldoen aan de voorwaarden die de bevoegde instanties noodzakelijk achtten.
Mia hield zich buiten Daniels poging om via zijn advocaat spijt te betuigen.
Hij schreef haar drie brieven.
De eerste ging voornamelijk over zijn bedrijf.
De tweede over wat hij naar eigen zeggen verloren had.
In de derde stond dat hij hoopte dat Noor hem later zou begrijpen.
Mia las ze alle drie.
Daarna borg ze ze op bij haar juridische stukken.
Ze antwoordde niet.
Een jaar na de ziekenhuisopname stond Mia opnieuw in haar eigen ontwerpbureau in Rotterdam.
Het geërfde pand was nooit als zekerheid voor Daniels schulden gebruikt. Het stond nog altijd op haar naam.
Stefan had haar geholpen de administratie te herstellen en de opdrachten weer op te bouwen.
Laura werkte inmiddels voor een andere onderneming en had met Mia contact gehouden.
Op een vrijdagmiddag kwam ze langs om een nieuw ontwerp te bekijken.
‘Je vader zou trots op je zijn,’ zei Laura terwijl ze door de ruimte keek.
Mia streek met haar hand over de oude houten balie.
‘Hij zei vroeger altijd dat je een huis pas kent als je weet waar de dragende muren zitten.’
Laura glimlachte.
‘En?’
‘Ik geloof dat ik eindelijk begrijp wat hij bedoelde.’
Die avond vierde Mia Noors eerste verjaardag.
Er waren geen tientallen gasten, geen dure cateraar en geen zorgvuldig geregisseerde foto’s voor sociale media.
Iris had een kleine taart gebakken. Stefan kwam met een prentenboek en Laura bracht een houten blokkendoos mee.
Noor zat in haar kinderstoel en smeerde met zichtbaar plezier slagroom over haar wangen.
Mia pakte haar telefoon om een foto te maken.
Toen bleef ze even stil.
Op het scherm verscheen een herinnering van precies een jaar eerder.
Een foto van de babykamer in Hillegersberg.
Witte gordijnen. Een houten wieg. Een kast vol zorgvuldig opgevouwen kleertjes.
Destijds had ze gedacht dat die kamer het begin zou zijn van haar mooiste levensfase.
Ze keek naar Noor.
Haar dochter sloeg met beide handjes op tafel en begon te lachen.
Mia verwijderde de herinnering niet.
Ze legde de telefoon gewoon weg.
Later die avond, toen iedereen vertrokken was, tilde ze Noor uit haar bedje omdat het meisje onrustig werd.
Ze liep met haar naar het raam.
Buiten brandden de lichten van de huizen aan de overkant.
Noor legde haar kleine hand tegen Mia’s wang.
‘Mama,’ mompelde ze slaperig.
Het woord was nog niet helemaal duidelijk.
Maar Mia begreep het.