Wie door Frankrijk rijdt, kan op sommige wegen ineens iets opvallends zien: een brede rode strook in het midden van de rijbaan, vaak begrensd door witte lijnen.
Voor wie deze wegmarkering voor het eerst ziet, kan het bijna lijken alsof iemand de weg een opvallende kleur heeft gegeven zonder duidelijke reden.
Maar achter deze rode markering zit juist een verkeersveiligheidsidee.
De bedoeling is niet om de weg mooier te maken. De opvallende kleur moet bestuurders helpen om de gevaarlijke zone in het midden van de weg beter te herkennen, het inhalen te ontmoedigen en de effectieve breedte van de rijstroken visueel te verkleinen.
Dat laatste is belangrijk: wanneer een rijbaan optisch smaller lijkt, kunnen bestuurders hun snelheid vanzelf wat aanpassen.
Waar komt het idee vandaan?
Het concept kreeg onder meer aandacht in Spanje.
De Spaanse verkeersautoriteit DGT beschrijft een systeem waarbij een brede middenzone tussen twee lengtemarkeringen wordt aangebracht. Die zone kan onder andere met pigmenten, een zebrapatroon of een andere wegtextuur worden onderscheiden van de rest van het asfalt.
Het doel is tweeledig: de afstand tussen de verkeersrichtingen duidelijker maken én de rijbaan optisch smaller laten lijken, zodat bestuurders hun snelheid op natuurlijke wijze verminderen.
Een bekend voorbeeld is de A-355 bij Málaga. Daar werd een rode lijn in het midden van de weg aangebracht om de scheiding tussen de rijrichtingen extra te benadrukken en de inhaalbewegingen te ontmoedigen.
Het is dus geen willekeurige rode verf.
De markering maakt onderdeel uit van een bredere aanpak om gevaarlijke situaties op wegen met een verhoogd risico te verminderen.
Waarom rood?
Rood trekt de aandacht.
Dat is precies waarom een opvallende kleur kan worden gebruikt op een plaats waar bestuurders extra alert moeten zijn.
Een gewone witte lijn kan na verloop van tijd onderdeel worden van het vertrouwde straatbeeld. Een brede rode zone valt veel sterker op.