ZE WILDEN DAT IK TEKENDE VOOR MIJN MANS DOOD

DEEL 3 — De Koffiekopjes In Haar Woonkamer

Om half zes werd Emma's appartement verzegeld.

Dat ging sneller dan zij had verwacht.

Ze had waarschijnlijk gedacht dat een ingestorte man in een ziekenhuis vooral medisch drama was. Maar ernstig verstoorde elektrolyten, een vertraagde 112-melding en een echtgenote-toxicoloog veranderen een woonkamer in een plaats delict.

Van Dijk vroeg of ik mee wilde kijken naar de eerste foto's.

Niet het appartement zelf. Dat mocht niet. Ik was betrokkene, echtgenote, arts, slachtoffer van bedrog en potentiële getuige. Te veel petten, zei hij.

Maar de foto's mocht ik zien, omdat mijn medische interpretatie direct relevant kon zijn.

Emma's appartement lag in een toren aan de Amstel. Duur, minimalistisch, veel beige en glas. Het soort interieur waarin niemand werkelijk lijkt te wonen, alleen te onderhandelen met zijn eigen spiegelbeeld.

Op de salontafel stonden twee koffiekopjes.

Eén met lippenstift.

Eén zonder.

Naast het kopje zonder lippenstift lag een halfleeg flesje mineraalconcentraat met het etiket:

Elektro Boost — Recovery Drops.

Ik wees direct.

"Dat."

Van Dijk keek naar de foto.

"Wat is het?"

"Misschien onschuldig. Misschien niet. Hoge natriumconcentraties, mineralen, prestatiepoeders. In combinatie met diuretica kan dit gevaarlijk zijn."

"En hypokaliëmie?"

"Dat verklaart het niet volledig. Zoek naar plaspillen. Furosemide, hydrochloorthiazide, indapamide. Of laxeermiddelen. En controleer de prullenbak op strips."

Hij bladerde verder.

Foto van de keuken.

Open lade.

Een pilstrip zonder doosje.

Ik boog naar voren.

"Zoom."

Hij zoomde.

Ik las de laatste letters op het aluminium.

...semide.

Furosemide.

Ik voelde hoe mijn maag verstrakte.

"Dat is een lisdiureticum."

"Voorgeschreven?"

"Niet aan Jeroen. Voor zover ik weet."

"Wat doet het?"

"Je plast vocht en elektrolyten uit. Kalium kan dalen. Als iemand ondertussen geconcentreerd natrium binnenkrijgt en weinig water drinkt..." Ik keek naar het beeld. "Dan kun je precies dit krijgen."

Van Dijk schreef niets op.

Hij nam het alleen op.

Mensen die al genoeg weten, hoeven soms niet te schrijven.

De volgende foto liet Emma's slaapkamer zien.

Ik wilde niet kijken.

Ik deed het toch.

Op de stoel naast het bed lag Jeroens overhemd.

Zijn riem.

En op het bed, achteloos neergegooid, een donkerblauwe trui.

Limited edition.

De andere helft van de koppeltrui.

Ik had de foto drie dagen eerder gezien op het intranet van zijn bedrijf. Teambuilding op Texel. Iedereen casual. Jeroen en Emma naast elkaar, dezelfde trui, dezelfde lach, te dicht op elkaar. Toen ik er die avond thuis naar vroeg, had hij gezegd:

"Dat is gewoon merch van het projectteam. Doe niet zo raar."

Ik had niet raar gedaan.

Ik had opgeslagen.

Toen ik zwijgend werd, dacht Jeroen altijd dat hij gewonnen had.

Hij begreep nooit dat stilte ook archivering kan zijn.

"Er is meer," zei Van Dijk.

Volgende foto.

Een map op Emma's bureau.

Project Nachtval.

Mijn hart sloeg één keer hard.

"Open?"

"Nog niet. Forensisch team doet dat."

"Nachtval," herhaalde ik.

"Zegt u dat iets?"

"Nee."

Dat was een halve leugen.

Het zei me iets.

Niet feitelijk.

Intuïtief.

Mensen noemen onschuldige projecten niet Nachtval.

Om zeven uur kwam de eerste urineanalyse terug.

Furosemide positief.

Niet therapeutisch laag.

Hoog.

Veel te hoog.

Jeroen had een krachtige dosis binnengekregen.

"Kan hij dat zelf hebben genomen?" vroeg Van Dijk.

"Medisch? Ja. Logisch? Nee. Hij heeft een hekel aan pillen en wist niet eens wat paracetamol forte is."

"En Emma?"

"Emma heeft toegang tot de medische projectvoorraad van Novamedica."

Dat was Jeroens bedrijf.

Officieel maakte Novamedica logistieke software voor ziekenhuizen en farmaceutische ketens. In werkelijkheid was het bedrijf de laatste jaren steeds dichter tegen medische datastromen, proefprojecten en medicatieleveringen aangekropen.

Emma was projectmanager op de nieuwe divisie Acute Zorgoptimalisatie.

Met andere woorden: ze had verstand van systemen, maar niet genoeg van mensen met medische kennis.

Of misschien juist wel.

Maarten kwam naar mij toe.

"Jeroen is stabieler. Nog niet helder. We houden hem op de IC."

"Kan ik hem zien?"

"Als echtgenote wel."

Ik dacht aan Emma's jas.

Aan zijn overhemd op haar stoel.

Aan de pilstrip.

Aan de operatieformulieren.

"Nog niet," zei ik.

Maarten knikte alsof hij dat begreep.

"Wat ga je doen?"

Ik keek naar de traumakamer.

"Ik ga zijn leven redden. Niet zijn leugens."