Deel 5 — Het testament in de rechtbank
Demi vocht het testament aan.
Natuurlijk.
Haar civiele advocaat stelde dat Richard onder invloed van angst, medicatie en manipulatie had gehandeld. Dat Bram een financieel motief had. Dat Alexander Vos misbruik maakte van zijn langdurige vertrouwenspositie. Dat Stichting Vijf Dagen een emotionele constructie was, ontstaan in delirium.
De eerste voorlopige zitting trok journalisten.
Niet omdat mensen plotseling geïnteresseerd waren in erfrecht.
Omdat geld, vergif, een jonge vrouw, een minnaar, een zieke verpleeghulp en een multimiljonair op sterven alles bevatten waar publiek honger naar heeft.
Richard kon er niet heen.
Zijn lichaam liet het niet toe.
Maar hij verscheen via beveiligde videoverbinding vanuit het ziekenhuis, netjes geschoren, bleker dan ooit, maar met ogen die opnieuw scherp waren.
Demi zat aan de andere kant van de zaal.
Zonder designerjas.
Zonder triomf.
Haar haar was nog steeds perfect, maar dat maakte het erger. Alsof zij bleef investeren in de buitenkant omdat de binnenkant failliet was.
Bram zat achterin, naast zijn moeder Marian.
Hij wilde niet komen.
Alexander had gezegd:
"Je mag wegblijven. Maar Demi’s advocaat gaat jou neerzetten als aasgier. Soms helpt het een rechter om te zien dat een aasgier eruitziet als een uitgeputte jongen met kapotte schoenen."
Bram had zijn schoenen gepoetst.
Ze bleven kapot.
Dat vond Richard op de video zichtbaar pijnlijk.
Hij maakte diezelfde middag nog een notitie:
Nieuwe schoenen voor Bram. Niet als cadeau. Als fatsoen.
Alexander las het en zuchtte.
"Richard, niet alles hoeft in instructies."
"Mijn geld, mijn instructies."
"U bent vreselijk."
"Ik leef nog."
"Dat argument begint irritant sterk te worden."
De rechter begon met de vraag naar wilsbekwaamheid.
Alexander legde de video over.
Niet de bekentenis van Demi.
Eerst de testamentvideo.
Richard die zijn naam zei.
De datum.
Zijn vermogen.
Zijn redenen.
Zijn correctie door Alexander.
Zijn aanvaarding van de stichtingstructuur.
Zijn bevestiging dat Bram hem niet om geld had gevraagd.
Dokter Noor verklaarde dat Richard ernstig ziek was, maar op dat moment helder en consistent. De sedatie was laag. Er was geen aanwijzing voor delirium tijdens de ondertekening.
Demi’s advocaat probeerde:
"Maar hij was onder extreme emotionele druk."
Dokter Noor antwoordde:
"Dat is iets anders dan wilsonbekwaamheid."
"Een man die denkt vergiftigd te worden door zijn vrouw neemt geen rationele erfrechtelijke beslissing."
Richard sprak via het scherm:
"Een man die weet dat hij vergiftigd wordt door zijn vrouw, neemt eindelijk een rationele erfrechtelijke beslissing."
Er ging een zacht geluid door de zaal.
De rechter keek naar het scherm.
"Meneer Van der Veen, u spreekt alleen wanneer ik u iets vraag."
Richard boog licht zijn hoofd.
"Excuses, edelachtbare. Ik ben gewend vergaderingen te leiden."
"Dit is geen vergadering."
"Dat merk ik."
Alexander legde zijn hand over zijn ogen.
Bram glimlachte voor het eerst die dag.
Toen kwam Demi’s bekentenis.
Haar advocaat probeerde zich te verzetten tegen het afspelen in de civiele zaak zolang het strafrechtelijk onderzoek liep.
De rechter stond een beperkt fragment toe, uitsluitend voor de voorlopige beoordeling van plausibiliteit rond onterving en bescherming van vermogen.
De zaal luisterde naar Demi’s stem.
Je gaat eindelijk verdwijnen, Richard.
Demi keek naar de tafel.
Dat speciale hartmedicijn heeft zijn werk feilloos gedaan.
Haar advocaat sloot zijn map langzaam.
Soms weet zelfs verdediging wanneer een slag niet meer te winnen is.
Daarna kwam het ziekenhuisfragment waarin zij de niet-geregistreerde supplementen wilde geven.
Daarna haar gangtelefoongesprek.
Ik heb misschien te veel gezegd.
Daarna Gerard:
Als hij dat testament heeft aangepast, ben jij nutteloos voor mij.
Het was alsof de hele relatie tussen Demi en Gerard zichzelf in één dossier vernietigde.
Geen grote liefde.
Geen noodlot.
Geen passie.
Alleen roof, paniek en wederzijdse chantage.
Bram werd gehoord.
Hij stond op alsof hij liever een operatie zonder verdoving onderging.
De rechter vroeg:
"Hebt u meneer Van der Veen gevraagd u tot erfgenaam te benoemen?"
"Nee, edelachtbare."
"Hebt u hem verteld over de kosten van uw zus?"
"Niet aan hem persoonlijk. Hij moet het van collega’s hebben gehoord."
"Toen hij u vroeg zijn advocaat te bellen, wat dacht u?"
"Dat hij misschien verward was."
"Waarom belde u dan toch?"
"Omdat hij heel helder zei dat zijn vrouw hem kwaad had gedaan. En omdat... omdat hij bang was dat slecht geld naar slechte mensen zou gaan."
Demi’s advocaat stond op.
"U had wel degelijk belang bij het bellen. Uw zus had een dure operatie nodig."
Bram keek naar hem.
"Ja."
Die eerlijkheid maakte de advocaat even stil.
Bram vervolgde:
"Daarom zei ik ook dat ik niets illegaals zou doen. Ik wilde geen geld stelen. Ik wilde dat hij hulp kreeg. En als iemand zei dat mijn zus geholpen kon worden, dan wilde ik dat natuurlijk. Ik ben arm, niet gevoelloos."
Marian begon achter hem te huilen.
Bram keek niet om.
Hij bleef staan.
"Maar toen meneer Vos zei dat het geld niet direct van mij moest worden, was ik opgelucht. Ik wil mijn zusje levend. Niet rijk worden van een man die doodgaat."
De rechter schreef iets op.
Demi keek naar Bram met een haat die inmiddels geen elegance meer had.
Hij zag het.
En dit keer keek hij niet weg.
De voorlopige uitspraak was duidelijk.
Het gewijzigde testament bleef voorlopig geldig.
Demi kreeg geen toegang tot rekeningen, aandelen of vastgoed.
Stichting Vijf Dagen mocht worden opgericht en handelen.
De medische voorziening voor Sanne werd niet bevroren.
Bram mocht niet persoonlijk beschikken over grote bedragen, maar werd beschermd tegen aansprakelijkheid zolang hij meewerkte onder toezicht van de stichting.
Demi’s vorderingen werden afgewezen voor zover zij direct toegang of opschorting eiste.
De rechter schreef:
De omstandigheden waaronder het testament tot stand kwam, zijn ongebruikelijk, maar niet op voorhand ondeugdelijk. De door verzoekster gestelde manipulatie door de heer Verhoeven vindt vooralsnog geen steun in de beschikbare opnamen en medische verklaringen. Daarentegen bestaan ernstige aanwijzingen dat verzoekster zelf een aanzienlijk belang had bij het overlijden van erflater, terwijl erflater op het moment van testamentwijziging nog leefde en consistent zijn wil verklaarde.
Erflater.
Richard las dat woord op het scherm en trok een wenkbrauw op.
"Ik ben nog niet dood."
De rechter keek naar hem.
"Juridische taal loopt soms vooruit, meneer Van der Veen."
"Dat doet Demi ook."
"Laatste waarschuwing."
"Begrepen."
Alexander fluisterde:
"Ik zet voortaan de microfoon uit."
Na de zitting wachtte Demi op Bram in de gang.
Dat had niet gemogen.
Maar gangen zijn tussenruimtes waar slechte ideeën soms sneller lopen dan beveiliging.
"Jij denkt dat je gewonnen hebt," zei ze.
Bram bleef staan.
Niet slim.
Maar hij was nog aan het leren.
"Nee."
"Richard gebruikt je. Dode rijke mannen willen altijd schoon sterven."
"Hij leeft nog."
"Voor nu."
Bram voelde Marian naast hem verstijven.
Demi glimlachte.
"Pas maar op. Iedereen die in Richards geld komt, gaat eraan kapot."
Bram keek haar aan.
"Dat komt misschien omdat u er eerst in zat."
Haar gezicht verstrakte.
Marian trok Bram mee.
"Niet praten met giftige mensen," zei ze hard genoeg dat drie journalisten het hoorden.
De zin haalde die avond twee nieuwssites.
Marian was daar woedend over.
Sanne, vanuit Zürich, vond het fantastisch.
Zij stuurde:
Mam viral. Hart gaat beter door lachen.
Bram stuurde terug:
Niet medisch onderbouwd.
Sanne:
Betaal jij nu Zwitserse artsen om saai te zijn?
Bram:
Richard betaalt. Ik ben nog steeds arm.
Sanne:
Maar met betere vijanden.
Daar kon hij niets tegenin brengen.
Sanne’s operatie duurde negen uur.
Richard kreeg updates via Alexander, die deed alsof hij slechts praktische informatie doorgaf, maar telkens net iets sneller kwam binnenlopen wanneer er nieuws was.
Om 17.40 kwam het bericht:
Operatie technisch geslaagd. Kritieke fase voorbij. Komende 48 uur bepalend.
Bram zat op de gang in Zürich en huilde zo hard dat een verpleegkundige hem een stoel moest brengen.
Marian knielde bij hem.
Sanne sliep.
Haar hart, gerepareerd maar nog kwetsbaar, tikte door.
Diezelfde avond vroeg Richard dokter Noor of hij even alleen mocht zijn.
Zij dacht dat hij slecht nieuws verwerkte.
Dat was niet zo.
Hij liet de tranen komen.
Niet om zichzelf.
Niet om Demi.
Om een meisje dat hij niet kende en dat nu misschien leefde omdat zijn vrouw hem had willen doden.
De wereld was soms zo krom dat goedheid via de lelijkste deur binnenkwam.
Hij fluisterde:
"Niet doodgaan graag."
Deze keer wist hij niet of hij het tegen Sanne zei.
Of tegen zichzelf.